Komt een dokter bij de dokter · Bellevue Lunchtheater, Abel Nienhuis, Lowijs Perquin

Komt-een-dokter-bij-de-dokter-Bellevue-Lunchtheater-foto-Bert-Nienhuis-435x300Theatrale vorm houdt gevoel op afstand
Gezien: 18 maart 2015, Theater Bellevue (Amsterdam)
★★☆☆☆

Het is precair, een voorstelling maken met en over iemand met terminale prostaatkanker. Psychiater Lowijs Perquin, bij wie de ziekte een aantal jaren geleden is geconstateerd, wilde dat graag zelf. Hij zocht drie acteurs en een regisseur om samen met hem zijn verhaal in het theater te brengen. Of Bellevue Lunchtheater zo rond november niet nog een gaatje had? Nee. Wel in maart.

Dat resulteerde in een lunchvoorstelling die nog het meest neigt naar documentair metatheater: theater over het maken van theater over iemand met terminale kanker.

In deze voorstelling speelt iedereen zichzelf. Han Oldings neemt zichzelf lekker op de hak door een net iets te ijdele acteur neer te zetten. Hij repeteert voor Perquin en stuurt gretig aan op grootse, meeslepende gevoelens. Rosa Reuten is vooral boos, omdat het haar niet authentiek genoeg is. Martijn Hillenius blijft onverdroten zoeken naar nieuwe ingangen. Zelfs regisseur Abel Nienhuis roept nog wat van achter uit de zaal.

Perquin komt echter regelmatig de scene onderbreken. Het zoekende van Oldings klopt niet, de woede van Reuten evenmin. Het moet anders. Maar hoe?

Door deze theatrale vorm blijft de voorstelling op afstand. Door de scenes steeds te onderbreken, ontstijgen ze het clichématige niet. Zo blijft dit een algemene schets: hoe een onverwachte diagnose het leven van een tot dan toe nietsvermoedend iemand op zijn kop zet. Van deze voorstelling mag toch, juist door de aanwezigheid van het onderwerp op de vloer, een meer particuliere ervaring worden verwacht.

Er zit een aardige dialoog in, waarin Perquins kinderen als personages worden opgevoerd. Ze vragen zich hardop af of hun complete erfenis er nu doorheen is gejaagd, omdat vader zo nodig deze voorstelling moest maken. Daar hadden ze tenslotte ook hun studieschuld van kunnen aflossen.

Deze scene ontstijgt het algemene beeld van slecht nieuws-gesprekken en theatrale maakprocessen, waar de voorstelling zo rijk van is. Hier zien we, in een wrange scene, een greep uit het leven van de omgeving van een terminaal zieke. Waarin pietluttigheden en dagelijkse ergernissen de grote pijn voelbaar maken.

Het is één van de schaarse verrassende momenten in de voorstelling. De makers zijn vooral veel te ver doorgeschoten in hun pogingen de voorstelling uit het vals sentiment te trekken. Door alles te bekritiseren ontstaat er nergens ruimte voor diepgang.

Dat het zonder al dat zelfcommentaar het beste werkt, wordt duidelijk in de laatste scene. Binnen een theatrale abstractie dragen de acteurs en Perquin samen herinneringen uit zijn leven voor. Zonder al te veel invulling, voorgelezen van een a4-tje, waarschijnlijk door Perquin zelf geschreven. Ontdaan van alle humor en door vanuit persoonlijke invalshoeken te vertrekken, krijgt deze voorstelling dan toch nog eventjes de eerlijkheid en de poëzie die het te lang ontbeert.

(Foto: Bert Nienhuis)