Derf · Bellevue Lunchtheater, Sophie Kassies

2968412Hartenkreten om liefde, verpakt als valse sneren
Gezien: 3 mei 2015, Theater Bellevue (Amsterdam)
★★★☆☆

Zij zijn in alles elkaars tegenhangers, maar door een bloedband onlosmakelijk verbonden. Een verbintenis die aanhoudt tot de dood – en daarna. In de lunchvoorstelling Derf  komen een volwassen zoon en zijn stokoude moeder lijnrecht tegenover elkaar te staan. Een stuk vol hartenkreten om liefde, verpakt als valse sneren.

Zij is van de romantiek, ze maakt fouten om van te leren en geeft af op de individualistische maatschappij. Haar zoon vertegenwoordigt dat individualisme. Hij studeerde bedrijfskunde en is nu zakenman. Nog eenmaal komt hij in haar inmiddels leeg geruimde, stoffige huis – vlak voor of vlak na haar dood blijft onduidelijk, of zij daar echt is of in zijn fantasie blijft in het ongewisse. Al haar spullen heeft hij inmiddels weggedaan – herinneringen zijn beter dan souvenirs, verzucht hij. Hij komt om de deur achter zich dicht te trekken, als hem dat lukt.

De moeder wordt gespeeld door Mathieu Güthschmidt – een keuze die briljant uitpakt. Het maakt van ouderdom iets geslachtsloos: je wordt steeds minder wie je was – het enige dat je uiteindelijk bent is: oud. Güthschmidt speelt haar werkelijk meedogenloos: elke belediging gaat gepaard met een stalen glimlach. Hij maakt van haar een bijna onkwetsbaar personage, die onder het excuus van ouderdom kan zeggen wat ze wilt. Maar achter het porren en wroeten schemert ook de hoop door iets te verzetten bij haar kind. Iets bij hem nalaten wat van haar was – waardoor ze zal doorleven in hem en de generaties daarna. Güthschmidt maakt van haar een wreed doch speels personage. In zijn zalmroze peignoir zweeft hij over het podium en verleidt met steelse blikken het publiek.

Titus Boonstra plaatst daar een nuchtere zakenman tegenover, die haar beledigingen vooral met een glimlach pareert. Hij is de ratio – het logisch en efficiënt denken, en dat vertaalt zich in wat ingetogener spel. Dat staat in mooi contrast met het extraverte spel van Güthschmidt, maar heeft ook als gevolg dat hij zich soms wat laat wegspelen.

Willibrord Keesen regisseerde de tekst van Sophie Kassies transparant – doorspekt van verbondjes met het publiek. Dat op het publiek gerichte spel geeft de nodige lucht – wanneer het soms iets teveel gekibbel dreigt te worden.

Kassies schreef een intelligente tekst, vol humor en vilein – waarin bovendien nog veel te raden valt. Kundig en geraffineerd verwondt ze haar personages – eerst door hier en daar wat te schampen, maar uiteindelijk worden het rake steken die onherstelbaar kwetsen. Dat manifesteert zich met name in de tweede helft; wanneer de vaart er echt goed in komt en er steeds minder om de hete brij heen gedraaid wordt. Want achter de maskerades en de stalen glimlach wordt deze voorstelling ineens bijzonder ontroerend. Dan laat de moeder zich ontvallen hoe graag ze wilt dat haar zoon vader wordt. En hij bekent dat de enige reden dat hij nog geen kinderen heeft – zij is. En in dat schrijnende besef – voorbij de travestie – vinden ze elkaar waarachtig nog even.

(Foto: Ben van Duin)