Christiane Jatahy: ‘Binnen de kunsten kunnen grenzen echt vervagen en dingen echt veranderen’

christianejatahy-1p4f
In haar werk laat regisseuse Christiane Jatahy film en theater samensmelten. Vier jaar geleden was ze voor het laatst in Nederland te zien, met een bewerking van Strindbergs Freule Julie. Nu haalt het Holland Festival haar naar Amsterdam, met de voorstelling
What if they went to Moscow?

Naar Moskou, naar Moskou!” verzuchten de zussen Olga, Masja en Irina in Anton Tsjechovs Drie zusters. Al is het ruim elf jaar geleden, ze kunnen het zich nog haarscherp voor de geest halen. Het bruisende leven waar ze met weemoed aan terugdenken; het echte leven. En terwijl ze hun verlangens en dromen projecteren hun terugkeer naar Moskou, blijven ze steevast zitten waar ze zitten.

Tsjechov schreef de tekst in 1901. Maar in een snel veranderende wereld lijkt het verlangen naar een utopische situatie niet aan actuele waarde te hebben verloren. De Braziliaanse film- en theaterregisseuse Christiane Jatahy inspireerde er haar voorstelling op: “Ik wil heel graag laten zien wat de tekst van Tsjechov ons over het leven nu zegt.”

Wat als ze wel naar Moskou waren gegaan? En wat als Moskou dan ook alles is wat ze zich ervan hadden voorgesteld? Een stap richting verandering? Een sprong in de afgrond? Een manier om herboren te worden? Jatahy is gefascineerd door het verlangen naar een plek waar we nooit zullen zijn. Dat resulteerde in de cinema/performance What if they went to Moscow?, zondag en maandag te zien op het Holland Festival.

Het begon met de documentaire Utopia.doc, die ze twee jaar geleden maakte in Parijs, Frankfurt en São Paulo. “Ik interviewde voornamelijk migranten en vroeg hen naar hun utopieën. Ik hoorde uiteenlopende wensen en verlangens, maar één ding bleef maar terugkomen: een behoefte aan een wereld zonder grenzen. En dan gaat het niet alleen om landsgrenzen, maar ook grenzen tussen mensen: relationeel, cultureel, religieus en economisch.”

Die documentaire zette haar uiteindelijk aan tot het maken van What if they went to Moscow?, een voorstelling waarin gespeeld wordt met de optie dat een utopische situatie wel degelijk bereikt kan worden – en de consequenties die dat heeft.

De voorstelling die bestaat uit twee delen. In het eerste deel ziet de helft van het publiek op het hoofdpodium de acteurs live de performance spelen, terwijl de andere helft van het publiek in een andere zaal de filmversie van de voorstelling ziet – die rechtstreeks wordt opgenomen. Halverwege wordt er gewisseld. In het theatergedeelte zoomt Jatahy in op de gemeenschappelijke levensvragen van de zussen, tijdens de film op de individuen.

Het publiek kan zelf kiezen of het begint met de performance of de film. “Het is een soort spiegelspel. Ik wil de toeschouwer graag in dezelfde situatie als de personages duwen: steeds geconfronteerd met een andere plek. Daarom heb ik de voorstelling in twee ruimtes opgedeeld.” Net zoals bij de zussen geldt voor het publiek dat de andere ruimte, hoe dichtbij deze ook is, onbereikbaar is – maar dat je je er tegelijkertijd niet voor kunt afsluiten. “De ene ruimte is in zekere zin de utopie van de andere.”

De samensmelting van theater en film is niet nieuw voor Jatahy. Al vijftien jaar gaat ze actief het experiment aan om de twee kunstvormen te laten integreren. Dat leverde in 2011 het bejubelde JULIA op, een theatrale en filmische voorstelling waarbij ze ook vanuit een theatertekst vertrok: in dit geval August Strindbergs Freule Julie.

“Het belangrijkste verschil is dat bij JULIA de bioscoop en het theater zich in dezelfde tijd en ruimte bevonden. Bij What if they went to Moscow? zijn ze weliswaar in dezelfde tijd, maar in verschillende ruimtes. Dat verschil verandert alles: het acteren, de manier waarop het cameragebruik nieuwe lagen creëert en de relatie met het publiek.”

“De aanwezigheid van de camera’s op het toneel is echt verbonden met de drie zussen. Irina bijvoorbeeld, heeft een camera die haar vader haar gaf, en Masja wordt verliefd op de cameraman – die het personage Versjinin vertegenwoordigt.”

Ondanks haar fascinatie naar onbereikbare utopische situaties, lijkt ze zich zelf al lange tijd in hartje centrum van haar eigen Moskou te bevinden. “Mijn persoonlijke utopie is werken in de kunsten. Daar kan ik – in theorie – doen wat ik wil, en met wie ik wil. Binnen de kunsten is het voor mij echt mogelijk om grenzen te vervagen en dingen te veranderen.”

What if they went to Moscow? is zondag en maandag te zien in Frascati, in het kader van het Holland Festival.