Jeanne, de opstand van een eenling – Joost van Hezik / Toneelschuur Producties

Oerol2015_ToneelschuurProducties_Jeanne_fotoSaris&denEngelsman6782

Foto: Saris & den Engelsman

Hoe onderscheid je een held van een gek?
Gezien: 16 juni 2015, Oerol
★★★☆☆

 

“Revolutionair, anarchist, terrorist, fundamentalist.” Zo luidt de aanklacht. We volgen Jeanne de laatste dagen voorafgaand aan haar executie. Nu eens niet per definitie tijdens de Honderdjarige Oorlog, deze Jeanne spreekt zich uit over de ‘war on whatever’, zoals haar bewakers het treffend noemen. Omstandigheden veranderen altijd – maar opstand wordt de kop ingedrukt, dat blijft.

Jeanne – de opstand van een eenling speelt zich af op een wit vierkant vlak, waarlangs het publiek aan alle zijden plaatsneemt. Een eenvoudig maar doeltreffend decor dat zowel doet denken aan een isolatiecel als aan een boksring. Voor Jeanne (Janneke Remmers) is het dat immers allebei. Onontkoombaar haar straf tegemoet zittend, heeft ze nog met haar laatste demonen af te rekenen: de twee gevangenisbewaarders (Justus van Dillen en Bram van der Kelen) die haar martelen en uithoren, die haar zelfs in de laatste momenten van haar leven de rust niet gunnen.

Hoe onderscheid je een held van een schizofrene gek? Dat is de vraag waar regisseur Joost van Hezik met deze voorstelling mee aan de slag gaat. En dat die kwalificering niet zo eenduidig is, blijkt ook uit deze voorstelling. De ene bewaker is even standvastig als Jeanne zelf; met je grootste tegenpool heb je tenslotte vaak de meeste parallellen. Een andere bewaker probeert haar te begrijpen, te overtuigen, hij probeert haar aan het twijfelen te krijgen. Maar opstandelingen twijfelen niet.

Na twee jaar geleden Dantons dood op de zomerfestivals te hebben gebracht, gebruikt Van Hezik nu opnieuw een historisch icoon om zijn licht over het heden te laten schijnen. Want deze Jeanne is net zo goed een Edward Snowden of een Julian Assange: een eenling – bereid zijn vrijheid op te offeren voor het grotere goed. Maar kan iemand in zijn eentje de consequenties van zijn daden inschatten? De overheid moet ons beschermen tegen de gekken – maar waar ligt de scheidslijn tussen een heldendaad of terrorisme?

“Is ze helderziend – of blind?”

De voorstelling toont ons een inkijkje in de dilemma’s van hen die de rust dienen te bewaren. Het spel is transparant en op het publiek gericht: wij zijn de muren van haar cel, de toeschouwers van de wedstrijd. Remmers probeert ons met charmante koppigheid aan haar kant te winnen, en Van Dillen en Van der Kelen spelen hun rol als gevangenisbewaarders helder en bevlogen.

Gerardjan Rijnders schreef korte, duidelijke scenes – steeds door een zoemer van elkaar gescheiden. Van Heziks regie staat erg in dienst van die tekst, en kent maar weinig onverwachte momenten. Het is lange tijd wel erg keurig allemaal, en dat maakt de voorstelling bij vlagen wat eentonig.

Jeanne is van begin tot eind standvastig en hardnekkig: ze laat niets los. Geen argument kan iets bij haar verzetten, geen foltering brengt haar aan het wankelen. Rijnders creëerde een flinke cultus rondom zijn hoofdpersoon en dat zit het identificeren soms behoorlijk in de weg.

Remmers speelt daar onvermoeibaar tegenop, en weet haar publiek met steelse en vuige blikken alsnog in te pakken. Maar deze voorstelling had baat gehad bij een wat uitgesprokenere tekst en een minder brave regie.

Let op! Op deze recensie rust auteursrecht. Overname, in welke vorm dan ook, is zonder uitdrukkelijke toestemming van de auteur niet toegestaan. Deze tekst kan afwijken van de publicatie t.z.t. in het Parool.