Boekverfilmingen op de planken

Ventoux, foto: Raymond van Olphen

Ventoux, foto: Raymond van Olphen

Van papier, via film naar het podium: theaterproducenten kiezen steeds vaker voor boekverfilmingen.

Het lijkt een nieuwe tendens: eerst wachten op de verfilming, voordat de theaterbewerking wordt gemaakt. In één week tijd gaan onder meer Ventoux, De Tweeling en Het meisje met het rode haar in première. Het Nederlandse boek is populairder dan ooit – in het theater althans. Hoe gaan de bewerkers, regisseurs en producenten om met het brengen van een theatervoorstelling die zo leunt op alom bekend bronmateriaal?

Voor Bos Theaterproducties bewerkte en regisseerde George van Houts Ventoux, naar de roman van Bert Wagendorp. ‘Ik wilde zeker niet in naturalisme vervallen. Geen campings, cafeetjes en zolderkamers op het toneel. Iedere hang naar realisme heb ik eruit gehaald. De acteurs staan stil in het decor, en daardoor komt er een beweging bij het publiek.’

Zowel in het boek als in de film wordt er flink geschakeld tussen tijden en locaties. ‘Ik heb dat helemaal tot zijn essentie teruggebracht: de voorstelling begint in het heden, het tweede bedrijf speelt zich af in het verleden en dan eindigt het weer in het heden. Ik heb twee-derde van het boek, en dus ook van de film, achterwege gelaten.’

‘Ik vond de film heel erg teleurstellend. Aan het eind dacht ik: waar heb ik eigenlijk naar zitten kijken, wat heeft men mij hier proberen te vertellen? Dat komt omdat ze de innervoice van Bart, de hoofdpersoon, eruit hebben gehaald. Terwijl die juist het interessants is. Die gaat over alle frustraties en teleurstellingen en verloren liefdes. Dus die innerlijke stem is bij mij juist de dramatische motor geworden.’

Een andere belangrijke keuze is dat de sleutelfiguren in het leven van de personages bewust niet op het podium worden opgevoerd. ‘Laura wordt gepersonifieerd door foto’s en videobeelden van de Franse actrice Dominique Sanda. En de rol van Peter, de jongen die overlijdt op de Mont Ventoux, wordt postuum vervuld door Martijn Teerlinck: een jonge dichter en hiphopmuzikant, die vorig jaar is overleden.’

Het proza van Wagendorp staat in de bewerking van Van Houts weer centraal. ‘Ik heb er een literaire voorstelling van gemaakt met daarin een hoofdrol voor de taal.’

Het is enerzijds op safe spelen: als boek en film een succes waren, is de kans groot dat de zalen ook sneller volstromen. Maar je hebt ook met een verwachtingspatroon te maken, een publiek dat voor een groot deel al bekend is met de plot en personages.

Ruut Weissman regisseert De Tweeling, naar de roman van Tessa de Loo (in 2002 verfilmd). Hij maakt zich om dat verwachtingspatroon niet te druk. ‘Hoe vaak wordt een Hamlet of Antigone niet gespeeld, of wordt Les Misérables weer eens opgepoetst?’

Ook bij theaterproductie van De Tweeling is de plot aangepast om het verhaal geloofwaardig op het toneel te krijgen. ‘Je kan een hoop in fictie omzetten, maar niet wanneer de Tweede Wereldoorlog was. Als je weet dat die vrouwen in de oorlog al adolescenten waren, betekent dat, dat ze nu een jaar of negentig zijn. Om dat te spelen moet je toch actrices hebben die op zijn minst eind zeventig zouden zijn, want met schmink los je dat niet op. Bovendien gaat de voorstelling op toer: een busje in en elke avond spelen. Waar haal je zo’n koppel zeventigjarige actrices vandaan?’

‘Toen hebben we besloten om de plot te comprimeren, zodat de tweeling elkaar meteen na de oorlog tegenkomt en dan voor hetzelfde dilemma komt te staan. Dat is enerzijds praktisch – maar de voorstelling krijgt daardoor ook een totaal ander soort vitaliteit.’

De Tweeling, foto: Roy Beusker

De Tweeling, foto: Roy Beusker

Bij Dommelgraaf & Cornelissen gaat maandag Het meisje met het rode haar in première. Producent Hans Cornelissen vertelt wat hen bewoog om uitgerekend nu dit verhaal te bewerken. ‘Toen ik in 2014 in de media vernam dat de zusters Freddie Dekker en Truus Menger door de premier geëerd werden met het Mobilisatie-Oorlogskruis ben ik er uitgebreid over gaan lezen. Het is nu zeventig jaar geleden dat Hannie Schaft, een paar weken voor de bevrijding, werd gefusilleerd. Dus dit is natuurlijk een heel geschikte periode om haar verhaal aan te pakken. Vervolgens hebben we contact gelegd met de Stichting Nationale Hannie Schaftherdenking, die zijn heel actief om haar verhaal levend te houden.’

Deze productie baseert zich uitdrukkelijk op de roman van Theun de Vries. ‘We hebben via de uitgever de rechten moeten verwerven, dat is evident. En toen hebben we twee uitgebreide gesprekken gehad met de erven van Theun de Vries. Wij hebben haar onze visie en intenties verteld en haar daarmee een goed gevoel gegeven – en ze heeft zich er verder niet meer mee bemoeit.’

‘Het is een belangrijk verhaal dat bovendien genoeg dramatische kracht heeft om het op de planken te brengen. Onze intentie is niet om een documentaire op het toneel te brengen.’