GOD. – BOG

download
Het tekortschietende karakter van taal
Gezien: 5 november 2015, De NWe Vorst (Tilburg)
★★★★☆

 

Ze staan naast elkaar, voor een groot wit doek, en ze kijken meewarig, verwachtingsvol of verongelijkt de zaal in. Er gaat een prettige rust uit van dit collectief aan jonge performers (ze komen alle vier uit 1988), maar desondanks barsten ze van de vragen.

Die vragen zijn de drijfveer van deze voorstelling. Alles vragen ze zich hardop af – en alles wordt meteen zo eerlijk mogelijk beantwoord. Maar het probleem met eerlijk antwoorden zit hem, zo blijkt, in het feit dat dat meteen weer nieuwe vragen oproept.

Bewapend met dat spervuur aan uiteenlopende vragen schiep de mens het geloof  (op de eerste dag) – en schiep het geloof vervolgens (dag zes) de mens. Vanuit de behoefte te begrijpen, of anders desnoods om zeker te weten dat dat niet nodig is. ‘Wij vouwen toch onze handen als niemand kijkt, wij bidden toch – voor de zekerheid.’

BOG. maakt in korte tijd furore als jong en spannend performance-collectief. De tekst van hun debuutvoorstelling werd meteen geselecteerd voor de Taalunie Toneelschrijfprijs en met hun tweede voorstelling MEN. de mening herzien wonnen ze dit jaar de BNG Nieuwe Theatermakersprijs.

Sanne Vanderbruggen, Benjamin Moen, Judith de Joode en Lisa Verbelen durven grote onderwerpen aan te pakken, zonder zich vervolgens te overschreeuwen.

Het toneelbeeld is uiterst statisch. De kracht van de voorstelling zit hem in de herhalingen en de subtiele variaties op de herhaling – de uitschieters daarin zijn schaars, maar geven wel de broodnodige lucht.

De dynamiek komt bijna uitsluitend voort uit de tekst en de tekstbehandeling (die op een gegeven moment langzaam in een soort poëtische rap-vorm glijdt). Dat getuigt van lef en zelfverzekerdheid: meer meende het gezelschap niet nodig te hebben om zijn publiek mee te nemen. Ontdaan van alle ruis floreert de taal, en wat beklijft zijn de spannende gedachtenkronkels en de lichte humor die met de soms zwaardere onderwerpen gepaard gaat.

Woorden zijn een belangrijk instrument, maar ze zijn verraderlijk, ontoereikend of vaag. ‘Alles, iets, niets of dingen; vergeef de taal zijn tekortschietende karakter. Vergeef de woorden dat ze tussen ons in staan, vergeef ze dat ze bestaan.’ Met hun aardse, heldere en oprechte performance weet het collectief de grote kloof tussen de ongrijpbare thematieken en het publiek moeiteloos te slechten.

Het enige nut van vragen stellen is nieuwe vragen oproepen, het krampachtig structuren en ordenen biedt geen houvast of hoop – maar wankelheid. Maar juist daarin, in nieuwe vragen en in wankelheid, kunnen we elkaar vinden, kunnen we een ander, net zoals in de voorstelling gebeurt, ervan weerhouden de groep te verlaten. Kunnen we soms kort glimlachen. Herkennen we elkaar in onze onwetendheid, het gevoel zo nietig te zijn. Beseffen we dat we het grote geheel misschien nooit zullen vatten – maar dat we dat godzijdank allemaal niet doen.