Harrie Babba – Pretpakhuis

Foto: Roy Beusker

Foto: Roy Beusker

Pretentieloze onzin wordt tot in het extreme doorgevoerd
Gezien: 16 november, Goudse Schouwburg
★★★☆☆

 

Zelden was er een voorstelling die zo slaagt in zijn pretentieloze onzin. In Harrie Babba is Jon van Eerd een sullige geest die moet ontsnappen aan een gemene grootvizier. Het decor van Marjolein Ettema is even uitbundig als functioneel: een Arabisch paleis vol (geheime) deuren, perfect voor deze Aladdin-achtige klucht.

Het is de eerste productie van het Pretpakhuis, begin dit jaar door Van Eerd zelf in het leven geroepen vanuit zijn wens om zijn voorstellingen zelf te produceren. Harrie Babba is dus door hem gespeeld, geschreven en geproduceerd.

Het verhaal gaat over (plaag)geest Harrie Babba, die samen met de Sultan – ‘mag ik Sul zeggen’ – en prinses Sultana moet ontsnappen aan de snode plannen van Grootvizier Hakkenbahr. Ook is er een nukkige min (Fahita) en een wachter die de hele voorstelling in zijn blootje over het toneel rent.

Hilariteit neemt toe als Van Eerd zich vermomt als vrouw – prinses Couscous – of wanneer een scène van een kwartier versneld wordt teruggespoeld. Maar meer nog dan dergelijke visuele kunstjes of woordgrapjes, is het de onnavolgbare mimiek van Van Eerd, die bloedserieus de meest banale humor verkondigd, om de zaal vervolgens op zijn breedste grijns te trakteren.

Deze voorstelling is om te lachen, en niets meer dan dat. De derde ster wordt uitsluitend toegekend vanwege de strikte consequentie waarmee deze flauwheid wordt doorgevoerd. Dat is dus zowel een aanbeveling als een waarschuwing. Degene die ook maar een greintje diepgang in het theater zoekt, zou ik ernstig afraden deze voorstelling te bezoeken.