Alice – Abattoir Fermé

Foto: Stef Lernous

Foto: Stef Lernous

Een weergaloos verstikkend tranendal
Gezien: 12 januari 2016, Stadsschouwburg Utrecht
★★★★☆

Ze is te oud om nog kind te zijn, maar verre van volwassen. Ze wil niet bemoederd worden, ze is zelfstandig. Ze wil de wereld buitensluiten, maar niet eenzaam zijn. Ze dweept met erotiek, maar houdt het ook op afstand. Ze wil niet eten, ze wil een verhaal. Bij Abattoir Fermé is Alice, het hoofdpersonage uit het beroemde boek van Lewis Carroll, geen blonde deerne in een zijdezacht jurkje, liggend en dromend in het zachte gras. Nee, het is een onuitstaanbare jonge vrouw, maar die je hoe dan ook in je hart sluit.

Alice van Abattoir Fermé is een duister belichte, hallucinante beeldenreeks waarbij de grens tussen droombeeld en realiteit al meteen diffuus is. Het is geen nette adaptatie, eerder een a-chronologische interpretatie, door elkaar geschud en vervolgens verwrongen op toneel gezet.

Op dit moment zijn er gelijktijdig twee toneelbewerkingen van Carrolls boek te zien. De kindproof-versie van Moniek Merkx bij Maas theater en dans, en die van Abattoir Fermé: niet geschikt voor kinderen onder de vijftien. Twee fascinerende, totaal verschillende theatervoorstellingen. Bij Carroll is Alice tien jaar, Merkx deed daar twee jaar bovenop en Abattoir Fermé telt daar nog eens een jaar of tien bij. Dan verandert het perspectief vanzelf mee.

‘Abattoir soft’, bestempelt regisseur Stef Lernous zelf deze productie. Dus zonder naakt, bloed en rookmachines. Maar laat je niet misleiden door die toevoeging. Deze voorstelling is niet minder indringend dan ander werk van Lernous. In zijn bewerking is Alice een gevaarlijke en manipulatieve jonge vrouw, die de grenzen van haar slachtofferrol vaardig opzoekt en mannen moeiteloos om haar vinger windt.

Alice, gedreven door een combinatie van verveling en nieuwsgierigheid, slaat haar butler tot prinses van de nacht. Haar minnaar, een oudere, besnorde man die op dubieuze wijze speelgoed voor haar meeneemt, houdt ze aan het lijntje en ze geeft fel af op haar moeder (de hartenkoningin), een onuitstaanbare en obsessieve vrouw die zich ten koste van haar dochter in de kijker speelt.

Beelden en taal kronkelen om elkaar heen en verliezen hun logica. ‘Twinkel, twinkel, flappermuis – wat ben je van plan in huis?’ zingt een geestverschijning die uit een spiegel kruipt. Je zingt het fout, zegt Alice nog maar dat helpt allang niet meer.

Anneke Sluiters is een intrigerende Alice. Ze is onpeilbaar en ongrijpbaar, gretig en angstig. Zowel in Lernous’ kenmerkende rijke beeldentaal als in de verrassend concrete dialogen is ze vurig en lekker dramatisch.

Uiteindelijk komen alle personages samen in een angstaanjagend onverjaardagspartijtje, en krijgt Alice een poppenhuis cadeau. Ze kruipt erin en steekt een sigaret op: een fenomenaal beeld van een jonge vrouw die enerzijds letterlijk uit haar kindertijd barst, anderzijds daar ook nog in vast zit. Ze kan geen kant op. En daar eindigt Alice, in een weergaloos verstikkend tranendal.