De Oase Bar · Gerard Cox, Joke Bruijs e.a.

Foto: Margot de Heide

Foto: Margot de Heide

Rotterdamse ode aan vijftigerjaren artiestenbar
Gezien: 21 februari 2016, Het Oude Luxor (Rotterdam)
★★★☆☆

Precies zestig jaar geleden richtten muzikant Jaap Valkhoff en zijn jongere broer Arie de Oase Bar op, een roemruchte bar die vooral in de jaren vijftig en zestig hoogtijdagen vierde en waar Rotterdamse (schnabbel)artiesten in de late uurtjes, na hun optredens, samenkwamen om de barbezoekers op toegiften te vergasten.

De variétéshow De Oase Bar, in regie van Geert Lageveen, is een eerbetoon daaraan. Op het podium is de artiestenkroeg nagebouwd. Uitbaters Harry (Gerard Cox) en Alie (Joke Bruijs) willen het zestigjarig jubileum vieren met een groot feest, compleet met een stampvolle kroeg en de nodige artiesten. Maar is de bar anno 2016 nog wel zo bruisend?

Tekstschrijver Dick van den Heuvel schreef een eenvoudig verhaallijntje met daarin regelmatig verrassend humoristische dialogen. Vooral de scènes met zorgverpleegkundige Willemijn (een ontwapenende rol van Peggy Vrijens) zitten vol goede grappen. Met haar zeven-dagen-slabbetjes (voor elke dag van de week een andere kleur, dan weet je tenminste weer welke dag het is) neemt ze de oudere generatie vrolijk op de hak. Maar het zal die oudere generatie een worst wezen: die doet toch wel waar ze zin in heeft. Als Willemijn zich op het einde vol in de coulissen tegen het decor werpt, is dat dan ook vooral ‘een zorg minder’.

Van den Heuvels script biedt alle ruimte voor goedgetapte moppen (door een zichtbaar genietende Cox) en flink wat (Rotterdamse) evergreens: Ik heb mijn hart op Katendrecht verloren, Ik mis de stad van toen, Hand in hand en natuurlijk de dankbare meezinger Kijk nou eens wie er binnenkomt.

Het is al met al een feestelijk en lekker afwisselend gebeuren: scènes, liedjes, sketches en ouderwetse moppentapperij wisselen elkaar in rap tempo af, onvermoeibaar begeleid door gelegenheidsformatie Het Oase Trio (Frits Landesbergen, Jean-Louis van Dam en Edwin Corzilius), dat regelmatig ook de lach niet kan inhouden.

In het laatste deel wordt de bar dan daadwerkelijk geopend, stromen de tafeltjes vol en ontvangen de uitbaters wisselende gasten, die allemaal een aantal nummers mogen brengen. Op de première waren dat Martin van Waardenberg, Brigitte Kaandorp en Richard Groenendijk. Maar dat kunnen ook zo maar Jacques Herb, Tony Neef, Ron Brandsteder, Jörgen Raymann, Loes Luca, Johnny Kraaijkamp Jr., Veldhuis & Kemper, Ernst Daniël Smid, Dorien de Haan of Lee Towers zijn.

De Oase Bar is een feestelijke en uitbundige bonte avond, niet te ingewikkeld en lekker oubollig – wat dat betreft een kloppende ode aan de vijftigerjaren artiestenbar. Wel is het allemaal erg op de lach, terwijl deze vorm zich ook uitermate leent voor lekker ongegeneerd sentiment. Dat zou qua dynamiek niet overbodig zijn.

Bovendien is het de vraag in hoeverre deze hommage het niet-Rotterdamse publiek tegemoet komt; waarbij het feest der herkenning beduidend minder zal zijn en de acteurs andere manieren zullen moeten vinden om een bondje met hun publiek te sluiten. De voorstelling staat in februari en mei in Het Oude Luxor, maar in maart en april toert ze door het land. In Amsterdam komt ie natuurlijk niet. Van Waardenberg – volledig in Feyenoord-outfit – zei het al op de première: ‘In 020 kom ik nooit, ik stijg bij Schiphol altijd al op.’