Theater Na de Dam / Judith Herzberg – Toneelgroep Amsterdam

Toneelgroep Amsterdam brengt statische toneelherdenking
Gezien: 4 mei 2016, Stadsschouwburg Amsterdam
★★☆☆☆

Er heerste enige verwarring in de aanloop naar Theater Na de Dam. Want de nieuwe tekst die Judith Herzberg samen met De Theatertroep zou schrijven – die werd aangekondigd als het nieuwe deel van haar Leedvermaak-trilogie – is nog niet af.

In plaats daarvan lazen acteurs van Toneelgroep Amsterdam verschillende teksten van Herzberg: voornamelijk scènes uit haar toneelstuk Leedvermaak (1982), afgewisseld met een aantal gedichten, een lied en een zeer korte nieuwe monoloog: Linkshandigen, gebaseerd op die nieuwe tekst-in-wording, die we eigenlijk hadden moeten zien, getiteld Opgediept.

Leedvermaak speelt zich af tijdens het bruiloftsfeest van Nico en Leo, 1972. Het stuk kent veertien sprekende personages: familieleden en vrienden van het bruidspaar die elk op hun eigen manier de oorlog niet achter zich kunnen laten. Fragmenten uit dit stuk vormen de rode draad van deze avond. Chris Nietvelt praat ons bij – wie leest welk personage en wie is wie van elkaar ook alweer? – maar dat is bij een enscenering al een pittige kluif voor het publiek, laat staan bij een statische, nauwelijks getheatraliseerde tekstlezing.

Voorts knallen de tien acteurs vanuit hun gemakkelijke stoelen in rap tempo de teksten er doorheen. Herzbergs toneeltekst bestaat uit korte, fragmentarische scènes. Worden die in hetzelfde tempo en zonder al teveel inleving of intentie gelezen, dan blijft daar niet veel van over. Ja, hooguit de herinnering aan een andere keer dat je de voorstelling zag.

Alleen Frieda Pittoors weet af en toe nog te ontroeren met haar verwarde Ada, moeder van de bruid, die de littekens van de oorlog, hoe hard ze dat ook ontkent, pijnlijk zichtbaar met zich meedraagt. Verder komen personages niet of nauwelijks tot leven. Op een sporadisch wandelingetje van de één naar de andere stoel blijft het toneelbeeld het dikke uur dat deze presentatie duurt, praktisch hetzelfde – ongetwijfeld om niet teveel verwarring in de rolverdeling te zaaien, maar het is nogal een taaie kijkervaring.

En dan is er, vlak voor het eind, nog die nieuwe monoloog, waar in de aankondigingen zoveel nadruk op werd gelegd. Een monoloog die inbreekt op de plaats van handeling van Leedvermaak, het bruiloftsfeest dus. Toneelgroep Amsterdam koos ervoor de monoloog te laten lezen door Aus Greidanus jr en Robert de Hoog. De tekst doorbreekt het stuk in alles, en dat is aangenaam. De vierde wand valt zo waar weg, en het personage (of in dit geval, de personages – die niet per se een bestaand personage uit Leedvermaak representeren, maar ook niet per se niet) zet de links- en rechtshandigen in het publiek tegen elkaar af, om vervolgens de linkshandigen vriendelijk doch dringend te verzoeken zich na afloop te laten deporteren. Het is een wat al te uitdrukkelijke en behoorlijk uitgebuite veralgemenisering van de oorlog, die voornamelijk door zijn vorm opvalt.

Enige hoogtepunt van deze toneelherdenking is het lied waar Jip van den Dool mee afsluit (met prachtige compositie van Edith Leerkes), waar hij vol inleving de vrije kunst viert, die zich ook ten tijde van oorlog de mond niet laat snoeren: ‘Dit is een lied dat zich verbiedt een lied te zijn.’