Alix Adams: ‘Je klungelt je voor een groot gedeelte door de vorm van het leven heen’

Dit najaar keert Alix Adams na veertien jaar terug bij Mugmetdegoudentand voor Het vervoegde leven, een monoloog over het leven van een vrouw die geboren is in de jaren dertig van de vorige eeuw.

‘Een gewoon vrouwenleven, maar dan anders’ noemt theatermaker en actrice Alix Adams (1962) het. In een dertigtal korte, poëtische tekstfragmenten beschrijft Joost II Sickenga een aantal scharnierpunten uit het leven van een naamloze vrouw. Zijn tekst bestaat uit korte observaties aan de hand van werkwoordvervoegingen: samenvallen, duren, waken, schitteren. Toen hij met die tekst bij de Mug kwam, kwamen ze al snel op Adams uit. Met plezier en overgave bijt ze zich nu vast in dit doodgewone, maar bijzondere leven. Adams is een onderzoekende theatermaker, die graag op haar intuïtie vertrouwt. Om invulling aan de abstracties in de tekst te geven doorkruist Adams haar eigen herinneringen en associaties. 

Om wat voor vrouw gaat het in deze voorstelling?
“Een nieuwsgierige, eigenzinnige vrouw die gesmoord wordt in de alledaagse realiteit. Ze probeert samen te vallen met haar leven, maar dat lukt maar deels. Ze trouwt, haar man gaat vreemd, er is huiselijk geweld, ze wordt verliefd op een vrouw en op een zeker moment wordt ze dement. Iedereen herkent er wel elementen van zijn eigen moeder in.”

Wat maakt haar dan bijzonder genoeg om er een voorstelling over te maken?
“De beknelling van een gezin uit die tijd voelt voor veel mensen bekend, maar verrassend is hoe ze zich daaruit wil bevrijden. Het gaat mij om de ervaring dat het leven heel authentiek is, maar ondertussen iedereen ongeveer hetzelfde doet. Het beschrijft enerzijds een heel persoonlijk leven, en anderzijds wat iedereen altijd meemaakt. Want je klungelt je voor een groot gedeelte door de vorm van het leven heen.”

Hoe bedoel je dat?
“Het leven heeft een vorm, waar je soms mee samenvalt en soms niet. Er zit een stukje in de tekst waarin de vrouw boos wordt op haar kind. Ik herken dat met mijn eigen kinderen: het moment dat je kwaad op ze wordt. Je kan je never nooit indenken dat zoiets kan gebeuren. Dat zijn precies de momenten in het leven dat je voelt dat je in een vorm zit en dat je er even niet mee samenvalt.”
“Wat de tekst zo mooi maakt is dat er geen rare illusie van maakbaarheid in zit. Juist dat geeft ook zo duidelijk weer dat het leven een vorm heeft.”

Dus het leven is niet maakbaar?
“Nou, in ieder geval veel minder dan wij nu denken. Er zijn veel regels, en je hebt ook innerlijk veel regels en soms weet je niet precies wat je drijft. En dat doet er vaak ook helemaal niet toe.”
“Die grens van de vijftiger- en zestigerjaren fascineert me. Hoe de tijd is veranderd met dat hippiedom, en wat voor mensen dat niet acuut omarmt hebben en al die vrijheden niet konden nemen.”
“Als ik nu naar die zestigerjaren kijk denk ik: ze hadden zich echt nog wel aan een heel aantal zaken te houden, terwijl er tegelijkertijd al heel veel nieuwe denkbeelden waren.”
“Voor mijn gevoel tikt de klok in dit stuk de hele tijd. Ik zie meteen die hele vinex weer voor me. In een vinex-wijk ging ook alles op de tijd. Met alle hippigheid van dien, om zes uur stond gewoon nog steeds het eten op tafel.”

De tekst bestaat uit dertig korte tot zeer korte poëtische fragmenten rondom werkwoordvervoegingen. Dat klinkt alsof het een hele dwingende vorm heeft.
Observaties is eigenlijk het beste woord om de vorm te beschrijven. Omdat dat een soort mengeling is die je ervaring, je denken en je gevoelens insluit. Het zijn observaties die je doet terwijl het aan je gebeurt. De tekst is inderdaad dwingend, maar het fijne is dat je daar zelf weer iets tegenover kan zetten.”

Was het meteen al duidelijk dat je uit de vorm wilde breken?
“Ja. Poëzie op toneel is lastig, daar moet je iets voor vinden. Iets wat het zowel honoreert als daardoorheen breekt.”

Hoe ziet die zoektocht naar de invulling van het personage eruit?
“Ik ben er vrij associatief mee bezig. Ik zou ook niet weten hoe ik dat anders moet doen. En ik heb dat hard nodig, omdat het persoonlijke niet zozeer in de tekst zit.”

Is dat een gebruikelijke manier van theatermaken voor je?
“Ja. Je komt altijd uit op de derde factor, iets wat je niet kan bedenken van tevoren, of iets wat je niet kan analyseren. En daarom volg ik nu in eerste instantie maar al die associaties, en dan kijk ik wel wat standhoudt of overblijft. Eigenlijk bots je de hele tijd tegen het stuk. En dat vind ik heel prettig, omdat je het anders helemaal plat analyseert. Als ik iets maak dan zoek ik naar iets wat ik niet kan benoemen, maar ik weet precies wat het is als ik het vind.”
“Het gaat voor mij ook heel erg over ouderdom. Dat je weet dat je langzaam gaat verdwijnen als je nog een jaar of dertig te leven hebt. En dat je ook wel benieuwd bent naar hoe dat dan vervolgens gaat. Meestal meet je een leven af aan het succes of wat er wel of niet is bereikt. Als kind ervaar je dingen, je hebt gevoel waar je helemaal niet over nadenkt, een soort natuur. Je bent wild of nieuwsgierig of je houdt van rust. En dan kom je steeds meer in het licht te staan en dat bouwt zich op. Je krijgt de maatschappelijke fase, dan heb je een heel vol leven. En op een gegeven moment verdwijn je weer.”

De link met het nu, die voorstellingen van de Mug altijd hebben, lijkt minder aanwezig dan we misschien gewend zijn.
“Klopt. Deze voorstelling gaat niet direct in op de maatschappelijke actualiteit. Het gaat over een levensfase waarin je de band met je ouders of kinderen heroverweegt. Ik ben zelf de vijftig gepasseerd, voor mij is dat iets waar ik nu heel erg mee bezig ben.” 

Op de site staat dat je door middel van ‘hiphop, poetry slam en stand-up’ deze vrouw in het nu plaatst. Hoe zit dat?
“Omdat de tekst zo vormelijk is ben ik gaan onderzoeken wat ik daar allemaal mee kan doen. Ik heb heel veel naar hiphoppers geluisterd. Ik vind die technieken die ze gebruiken heel interessant. Ik heb het zelf nog niet onder de knie, en ik moet eerlijk zeggen dat ik ook niet weet of het me gaat lukken.”
“Het is niet zozeer dat ik van alles erbij haal om in het stuk te proppen, het is meer dat de tekst me heel veel aanleidingen geeft om te associëren. Ik ga het niet zoeken in mooi voordragen zoals de Grieken dat deden. Dan zoek ik liever in wat ik nu leuke muziek vind.”
“Voor mij is de emotionaliteit van deze vrouw het belangrijkste, dat je kan wegmijmeren en dat iedereen er iets van zijn eigen moeder of oma in herkent. Dat moet door alles heen ademen, welke vorm het stuk ook krijgt.”

 http://www.mugmetdegoudentand.nl/voorstelling/96/het-vervoegde-leven