Volpone – Dood Paard

Foto: Sanne Peper

Foto: Sanne Peper

Snijdende satire op graaicultuur
Gezien: 29 oktober 2016, Frascati (Amsterdam)
★★★☆☆

Hij was een van de grootste Engelse toneelschrijvers uit zijn tijd, maar heeft het qua bekendheid ruimschoots afgelegd tegen zijn tijdgenoot en goede vriend William Shakespeare. Niettemin schreef Ben Jonson een groot aantal gedichten en toneelstukken, waaronder het satirestuk Volpone (1607). In Nederland stamt de laatste opvoering inmiddels weer uit de jaren zeventig.

De voorstelling draait om de rijke Venetiaanse edelman Volpone (letterlijk: Grote Vos), die omringd wordt door een aantal illustere figuren die allen in zijn testament proberen te komen. Volpone raakt ondertussen geïntrigeerd door Celia, vrouw van de jaloerse Venetiaanse koopman Corvino (Zwarte Kraai) en bedenkt met zijn knecht Mosca (Vlieg) een list om haar te ontmoeten. Een en ander mondt uit in een obscene poging tot verkrachting, en vervolgens wordt ieders lot in de rechtbank beslecht.

Geef een dergelijke satirekomedie maar aan toneelcollectief Dood Paard. Nog voor we goed en wel begonnen zijn, ligt de vloer bezaaid met ballonnen, slingers, verkleedkleren – het is een vrolijke chaos waar deze acteurs zich moedig doorheen spelen. Als Gillis Biesheuvel zijn tekst even kwijt is, implementeert hij dat meteen in zijn personage. Jorn Heijdenrijk speelt een smakelijke Volpone, die kronkelend over de speelvloer op zijn best is. De monoloog waarin hij Celia probeert te verleiden door zich als kwakzalver Scote de Charlatan voor te doen, levert een aanstekelijke goochelscène op. Maar er zijn ook momenten dat de voorstelling te schreeuwerig is, de satire er te dik bovenop ligt en de personages irritant worden om naar te kijken.

Dood Paard verkeert financieel in zwaar weer, onlangs werd bekend dat het gezelschap zijn meerjarige subsidie bij het Fonds Podium Kunsten verliest. Volpone is als snijdende satire op de graaicultuur wat dat betreft zo actueel als wat. Met deze voorstelling bewijst Dood Paard bovendien dat ze, behalve voor het spelen (en produceren) van nieuw repertoire, ook als geheugen van de vergeten toneeltekst van wezenlijk belang is.