Learning how to walk – NTGent

Foto: Jules August

Foto: Jules August

Een abstracte oefening in leven
Gezien: 15 november 2016, Stadsschouwburg Amsterdam
★★☆☆☆

Op het podium staat een replica van het podium. Daaromheen vinden we vijf acteurs: dansend, springend, spelend, dolend. Ze verzinnen gedichten, stoten moeizaam zinnen uit, rijden hitsig tegen elkaar op of pissen gezamenlijk over de vloer. In de pauze blijven ze doorspelen op het podium, om vrijwel direct na die ‘pauze’ het toneel voor twintig minuten te verlaten.

Learning how to walk is een oefening in leven, onderverdeeld in vijf hoofdstukken: lopen, praten, bewegen, alleen zijn, sterven. De nieuwe regie van Benny Cleassens is een vier uur durende poging om de abstracte voorwaarden van het leven vorm te geven op toneel. Een poging die bij voorbaat gedoemd is te mislukken, dat weten de makers zelf maar wat goed; de oorspronkelijkheid die ze pretenderen, smoren ze meteen al in de kiem door de volledige voorstellingsstructuur in de proloog al met de zaal door te nemen. Er staat niet voor niets een kopie van de theaterzaal op het podium. Maar is dit een oefening voor de spelers, het publiek, of hen allebei?

Zelf vinden de acteurs (behalve Claessens zelf ook Lara Barsacq, Elsie de Brauw, Lisi Estaras en Risto Kübar) hun onderzoek maar wat interessant en humorvol. Er wordt op het arrogante af om elkaar gelachen of gefascineerd naar elkaar opgekeken.

Learning how to walk blijft voortdurend binnen de kaders van de abstractie, en daarin werpt het evenmin vragen op als dat het antwoorden biedt. In haar veelomvattende onderzoek naar cruciale facetten van het leven, blijft de voorstelling erg vrijblijvend. Het is een grote exploratie, waarin alles kan, en er dus geen accenten zijn, geen stellingname, geen focus. Sommige sequenties zijn bovendien ronduit saai. Het handjevol toeschouwers dat de pauze gehaald heeft twintig minuten leeg toneel voorschotelen, zal wel als baanbrekend compromisloos toneel bedoeld zijn, maar voelt toch vooral als publieksprovocatie.