Ciske de Rat – Stage Entertainment

Foto: Roy Beuskers

Foto: Roy Beuskers

Van straatschoffie tot volwassen man
Gezien: 20 november 2016, DeLaMar Theater (Amsterdam)
★★★★☆

Franciscus Aloysius Gerardus Vrijmoeth, misschien wel Amsterdams meest geliefde straatschoffie. Kortweg: Cis. De rat. Bedacht door Piet Bakker, die er een trilogie over schreef. Het eerste twee delen – Ciske de Rat en Ciske groeit op – werden twee keer verfilmd: in 1955 en in 1985. In die laatste werd de titelrol vervuld door de toen twaalfjarige Danny de Munk. Voor de musicalbewerking – die negen jaar geleden voor het eerst werd uitgebracht – werd ook het derde deel Cis de Man meegenomen. Daarin is de rat volwassen geworden. En in die hoedanigheid vinden we de (inmiddels 46-jarige) De Munk nu weer terug.

Dat gold overigens negen jaar geleden ook, toen dezelfde musical met vrijwel hetzelfde creatieve team in première ging, in Carré destijds. Toen nog Joop van den Ende, inmiddels met Albert Verlinde gefuseerd tot Stage Entertainment. Dezelfde regisseur: Paul Eenens. Wel een andere cast – op De Munk na.

André Breedland schreef de trilogie om tot musical. Die vangt aan op het centraal station, 1939. Amsterdamse mannen worden gemobiliseerd voor de dienst. Daar ontmoet de volwassen Cis zijn oude schoolmeester Bruijs. Samen reizen ze af naar de Grebbeberg. Het verhaal aldaar dient als kapstok waarin als flashbacks de herinneringen aan Cis’ jeugd voorbijkomen.

Dat is een dankbare structuur, die zorgt voor afwisseling en dynamiek. Vaak zijn de twee tijden tegelijk op het podium vertegenwoordigd, waardoor ze op elkaar gaan inwerken. De volwassen Cis kijkt letterlijk terug op zijn jeugd. Bovendien zijn er twee prachtige momenten van interactie tussen de twee Ciske’s: natuurlijk tijdens de klassieker ‘Ik voel me zo verdomd alleen’, maar ook op het eind, als de volwassen Cis streng wordt toegesproken door de jonge.

Brengt ons meteen bij Silver Metz, de achtjarige ster van de première. Allereerst vanwege zijn guitige kwajongensgezicht, maar daarbij waren zijn zang en spel ook nog eens behoorlijk op niveau. Er werd sowieso met aanstekelijk plezier gespeeld. Bas Keijzer is op dreef als onstuimige, lompe maar onvoorwaardelijk liefdevolle vader Vrijmoeth. Ellen Evers gaat op haar lelijkst als alcoholistische moeder, een genot om naar te kijken. En Ad Knippels is als Bruijs een aangenaam rustpunt, met helder en fijn spel, in de kwajongensspeeltuin die zich om hem heen voltrekt. Hij wandelt knap schakelend van de Grebbelinie (rechts) naar het klaslokaal (links) en weer terug. De Munk is op zijn best als hij zich van grote emoties mag bedienen; hij wordt daar in deze musical ruimschoots in voorzien.

Ciske de Rat is een rijke musical, die behalve goed spel ook veel uiteenlopende liedjes heeft, die – op die eerder genoemde hit na – allemaal zijn geschreven door Henny Vrienten. Zeker door de verweving met Ciske’s latere jaren, zien we een gelaagd personage dat opgroeit van straatschoffie tot volwassen man, met alle schade en schande die dat met zich meebrengt en alle trauma’s die zich in een hoofd nestelen.

Daarbij, niet onbelangrijk, is het een nostalgische ode aan Amsterdam, met zijn typische humor en liedjes. Op momenten ook lekker over-de-top melodramatisch, zoals dat past bij het Amsterdamse sentiment. ‘Zolang ik de Westertoren maar eventjes kan horen, weet ik zeker: ik hoor bij Amsterdam.’