Snorro, de gemaskerde held · Ro Theater

230794-161123_liggend_beeld_snorro_zonder_titels_def-50ab62-original-1480065893-1280x1280Verrassende herneming van familiehit uit 2009
Gezien: 27 december 2016, Rotterdamse Schouwburg
★★★★☆

“Snorro zijn of niet te zijn, dat is de vraag.” Zeven jaar na de oorspronkelijke première haalt het Ro Theater de familiehit Snorro, de gemaskerde held opnieuw van stal: door de bezuinigingen lukte het dit jaar niet een nieuwe familievoorstelling te maken. De versie uit 2009 wordt overigens niet klakkeloos hernomen: op Dick van den Toorn en Meral Polat na is de cast volledig nieuw, toneelschrijver Don Duyns onderwierp de voorstelling aan een rigoureuze herschrijfronde en Alex Klaasen schreef nieuwe liedjes.

Voor de buitenwereld is Don José (Van den Toorn) een gevoelige slapjanus, maar niemand weet dat hij stiekem transformeert tot gemaskerde, besnorde superheld Snorro, die het Mexicaanse dorpje Burrito al tijden beschermt tegen het terreurbewind van El Commandante (Tibor Lukács). Die troggelt namelijk belastinggeld van de straatarme inwoners af, en houdt bovendien een heel smokkelnetwerk aan suiker in stand. En suiker – dat weten alle kinderen in de zaal natuurlijk allang – is zo’n beetje het ongezondste, verslavendste en slechtste wat er is.

Het was destijds de tweede familievoorstelling van het duo Pieter Kramer (regie) en Don Duyns (tekst). Twee jaar eerder introduceerden ze met Lang en gelukkig het Nederlandse equivalent van de Panto: een Engelse theatertraditie van familievoorstellingen vol flauwe (vieze) humor, travestie en publieksparticipatie.

Snorro is wederom een drie uur durend feest, dat van flauwigheden aan elkaar hangt, maar tegelijkertijd het theater en al zijn wetten op een voetstuk zet. Met minimale middelen wordt een zo groot mogelijk feest getrapt, met een traan op de koop toe.

De toneeltekst van Duyns tuimelt van de ene locatie naar de ander. Vormgever Sjoerd Kortekaas ontwierp een fijne aaneenschakeling van eenvoudige maar inventieve bordkartonnen decors, die gemakkelijk en snel changeren. En is een decor even niet op tijd gereed? Dan spelen de acteurs de scène toch nog even opnieuw, maar dan in het Mexicaans. En vervolgens nog eens in het Turks. Zo lang als het nodig is. Het is die haast anarchistische vrolijkheid die de familievoorstellingen van het Ro zo sterk maakt.

Het spel is traditiegetrouw weer aanstekelijk en ongeremd. Van den Toorn is lekker over de top als quasi-stoere Snorro, die halsbrekende toeren verricht (uitdrukkelijk uitgevoerd door stand-in/stuntman Erwin Dörr). Als Don José is hij schaamteloos zachtaardig. In beide gevallen overigens een sulletje eersteklas. Polat zorgt als de stoere barvrouw Conchita voor de nodige tegenwicht. Daarbij heeft ze een prachtige zangstem. Han Oldings zou bovendien een prijs moeten krijgen voor meest aandoenlijke adaptatie van sullig bijpersonage, voor zijn rol als Sergeant Manuel, het hulpje van El Commandante die uiteindelijk tot inkeer komt en zijn hart volgt.

Het zeskoppige straatorkest Mariachi Tierra Caliente speelt aanstekelijke Mexicaans getinte adaptaties van de nieuwe liedjes. Ditmaal varianten op Michael Jackson, Willy Alberti, Bløf en Kenny B.

Volgend jaar belooft het gezelschap (dat vanaf zondag Theater Rotterdam heet) weer een gloednieuwe familievoorstelling te brengen. Maar voor een herneming heeft het Ro zich er niet gemakkelijk vanaf gemaakt. Zelfs de bezoekers die de voorstelling zeven jaar geleden hebben gezien, worden opnieuw meermaals verrast.