Carrousel – Noord Nederlands Toneel

Foto: Andreas J Etter

De verslaving van het plaatsvervangend lijden
Gezien: 30 maart 2017, Leidse Schouwburg (Leiden)
★★★★★

Dag dertig, uur twaalf. De vijf overgebleven koppels staan nog op de dansvloer, hoewel de schwung er al wel een beetje uit is. De regels zijn simpel: altijd blijven dansen. Als je neervalt, als je knieën de vloer raken, lig je eruit.

Geïnspireerd door de film They Shoot Horses, Don’t They? (naar het boek van Horace McCoy), over de Amerikaanse dansmarathons in de jaren dertig, schreef Bernard Dewulf een fragmentarische toneeltekst die zich afspeelt in zo’n dansarena. In korte, filosofisch getinte dialogen leren we de tien mensen op de vloer, en al hun angst en leed, steeds beter kennen. Een kijkcijfergeile presentator (Igor Podsiadly) manoeuvreert zich er onvermoeibaar tussendoor, waakt voor teveel poëzie, want de kijkers – “de sponsors” – willen drama! Doordansen dus, kom op!

Al snel rijst de vraag waarom mensen aan een dergelijke contest meedoen? Antwoorden daarop lopen uiteen: om iets te winnen, iets te bewijzen, om een confrontatie aan te gaan of juist te vermijden. “Some dance to remember, some dance to forget.” Een van de koppels verwacht een kindje; zij is helemaal vol van het aanstaande ouderschap, hij is als de dood. Een ander koppel kan geen kinderen krijgen. Allemaal redenen om de spotlights op te eisen. “Vroeger was het: wie niet weg is, is gezien. Nu is het: wie niet gezien wordt, is er niet.”

Maar gaandeweg steekt een misschien nog confronterendere vraag de kop op: waarom blijven wij, toeschouwers, hiernaar kijken? Wat interesseert het ons wie er wint? Het is niet de esthetiek van het dansen die ons bij zo’n marathon aan de buis of op de eerste rij gekluisterd doet zitten. Maar wat wel? Het stille genot van de aftakeling van een ander? Het plaatsvervangend lijden?

Carrousel is na een ingrijpende wisseling van de artistieke kern van het Noord Nederlands Toneel, de eerste voorstelling van regisseur Guy Weizman als artistiek leider van het gezelschap. Met vier dansers van zijn eigen danscollectief – hij is van huis uit choreograaf – Club Guy & Roni, zes live-muzikanten van Asko|Schönbergs K[h]AOS en zeven acteurs van het NNT maakt hij van Carrousel een multidisciplinaire totaalbelevenis, waar toneel, dans, muziek en poëzie voortdurend op elkaar ingrijpen, in een zowel uitbundig als verstild theaterfeest.

Bovendien betrekt hij in Carrousel het publiek expliciet in de theatrale ruimte. Zijn boodschap is evident: de antagonisten, de aanjagers van alle leed, zijn in dit verhaal de toeschouwers, die stilzwijgend vanaf hun veilige pluche deze draaimolen blijven aanschouwen, en daardoor draaiende houden. Hoeveel mensen er uiteindelijk ook door hun knieën zakken en uitgeput neerstorten.

Weizman laat met Carrousel een duidelijk visitekaartje van zijn artistieke signatuur achter. Hij brengt grote verhalen, die hij met veel theatraal geweld de zaal in smijt, zonder daarbij de menselijke maat uit het oog te verliezen. Met zijn fysieke, associatieve en poëtische theatertaal maakt hij het NNT op dit moment tot een van de spannendste bespelers van de grote zaal.