Dries Verhoeven: ‘Kunnen we verslaafd raken aan angst?’

Foto: Willem Popelier

ATHENE – Met Phobiarama maakt Dries Verhoeven zijn debuut op het Holland Festival. De voorstelling is een theatrale excursie door de hedendaagse angstcultuur. Op het Mercatorplein verrijst een groot, modern spookhuis. 

Dries Verhoeven (1976) probeert in zijn werk weer te geven hoe hij de samenleving ervaart. Hij is zowel theatermaker als beeldend kunstenaar, en presenteert zijn werk op locaties, in musea en in de openbare ruimte. Dat laatste geldt voor Phobiarama, een ‘levende installatie’, waarin het publiek wordt geconfronteerd met zijn toenemende behoefte aan angst en argwaan. Het leek me relevant om iets te maken over de alerte samenleving,” legt hij uit in Athene, waar de voorstelling in mei in première ging. “Ik wilde een werk maken over het theater van de angst, onze behoefte aan huiver. En over de manier waarop politici, media en terroristen op die behoefte anticiperen.”

Had je een concrete aanleiding om het over de angstcultuur te hebben? ‘Het was meer een onderbuikgevoel. Er waren een aantal momenten waarop ik dacht: nu ben ik eigenlijk niet bang voor daadwerkelijk gevaar, maar voor een waarschuwing. Wij zijn allemaal continu voorbereid op angst. In onze hersenen zitten amygdalae, dat zijn twee angstreceptoren die ons waarschuwen als er gevaar dreigt. Ooit hielp dat ook enorm: als je door het bos liep en er stond een tijger, dan wist je dat je heel snel moest lopen of het gevecht moest aangaan. Alleen staat het gevaar tegenwoordig niet alleen achter een boom, maar staan we continu in contact met de voorspelling dat er iets achter die boom zou kunnen staan.

De angst voor het gevaar is het gevaar zelf geworden? ‘Misschien wel. Ik denk dat het grote gevaar is dat we het kwaad zelf zijn gaan creëren. Het monster is er nog niet op het moment dat er voor gewaarschuwd wordt, maar door al die waarschuwingen komt het gaandeweg vanzelf bovendrijven.

Hoe zie je dat terug in de Nederlandse samenleving? ‘Bijvoorbeeld in het idee dat moslimjongeren mogelijk de samenleving zouden ontwrichten. Die jongens die dat continu horen nemen op een gegeven moment afstand van die maatschappij, die voelen zich niet meer vertrouwd. Wat betekent het om voortdurend geconfronteerd te worden met argwaan? Ga je die argwaan altijd ontkennen, of komt er een moment dat je radicaliseert? Hetzelfde geldt voor politici. Als we zeggen dat politici als Donald Trump of Geert Wilders radicaliseren, dat ze steeds meer op fascisten gaan lijken, dan kan het zijn dat ze niet een toontje lager gaan zingen, maar er juist een schep bovenop doen, en dat we gaandeweg monsters creëren, door er maar voor te waarschuwen.
‘Is het goed om zo de nadruk te leggen op veiligheid? Zorgt al die bescherming er niet ook voor dat we constant in een staat van alertheid worden gebracht en daardoor minder ontspannen met elkaar omgaan? Puur omdat overal die camera’s hangen, dat we ervan bewust zijn dat we bekeken worden. ‘Voor u en onze veiligheid wordt u hier gefilmd.’ Wat doet dat met die amygdalae?
‘Kan het zijn dat we verslaafd raken aan angst? Als er een aanslag is gepleegd en dat komt op tv, waarom blijven we dan kijken? We worden aangetrokken door het idee van onze mogelijke ondergang. Dat is natuurlijk pervers, maar dat blijven we doen.

Foto: Kiki Papadopoulou

Hoe kwam je vervolgens uit bij de vorm van zo’n kermisattractie? ‘Ik verpak mijn kunst graag als iets anders. Ik vind het interessant om mensen niet te benaderen op de meest voor de hand liggende plekken. Op het moment dat je weet dat je naar een kunstwerk kijkt, of in een kunstwerk rondloopt, dan ben je al iets kwijt: de mogelijkheid om onverwacht gegrepen te worden. Op het moment dat je in de openbare ruimte iets plaatst wat er helemaal niet uitziet als kunst maar in eerste instantie iets anders is, dan ga je met meer onzekerheid naar binnen. En naar die onzekerheid ben ik op zoek.

Bij mij roept een spookhuis een combinatie van angst en opwinding op. ‘Ik vraag me af of je op dat gevoel een samenleving moet bouwen.

Ik hoopte bijvoorbeeld dat het echt eng zou gaan worden. ‘Precies. Ik weet niet of de samenleving gebaat is als je met die verwachting – ‘ik hoop dat het echt spannend wordt’ – het achtuurjournaal gaat kijken, of een politiek debat. Zijn we gebaat bij het spektakel?
‘Gaandeweg kwam ik erachter dat we bij de esthetiek van dat spookhuis moesten blijven, in ieder geval bij aanvang, om het publiek eerst te laten voelen hoe lekker het is om te huiveren, en hoe dicht die angst bij plezier zit. En gaandeweg wil ik die angst afpellen, uitkleden, reëler maken, om iets te creëren wat misschien helemaal niet meer zo leuk is.

(Gezien: 7 mei 2017, Fast Forward Festival, Athene)