Vincent van der Valk: “Om te kunnen lijden moet je van het leven houden”

Foto: Geert Goiris

Met het titelpersonage in Platonov heeft Vincent van der Valk een drinkend, tierend, vloekend en vrouwonvriendelijk personage te pakken. Hoe krijgt hij het publiek toch mee?

“Ik denk dat Platonov enorm lijdt aan de banaliteit van zijn omgeving en zichzelf,” legt Van der Valk uit. “Hij doorziet alle sociale structuren en hypocrisie, maar hij maakt daar zelf ook deel van uit. En dat verscheurt hem.”

Volgens hem zit er een tragiek in het feit dat Platonov niet loskomt van de beperktheid van het menselijk bestaan. “Die tragiek kan ik af en toe zelf ook voelen. Soms zie je jezelf zitten in het café, omringd door mensen, en dan denk je ondertussen: wat zijn we hier allemaal eigenlijk aan het doen?”

Maar in die zwaarmoedigheid zit ook iets paradoxaals, volgens Van der Valk. “Om zo te kunnen lijden onder bepaalde oneerlijkheden en tekortkomingen, moet je eigenlijk heel veel van het leven houden. Je kan pas lijden onder het feit dat iets anders is dan je zou willen, als je een voorstelling hebt van hoe het moet zijn. Platonovs lijden komt dus volgens mij voort uit een hele liefdevolle utopie. Achter de wens dat het allemaal anders zou zijn, schuilt verwachting en hoop.”

Om Platonov te spelen gaat hij op zoek naar de raakvlakken en de verschillen tussen hem en het personage. “Spelen is voor mij een ontmoeting tussen het personage en mijzelf. Ik probeer niet de ultieme Platonov te spelen, of hem zo waarachtig mogelijk neer te zetten. Ik probeer die ontmoeting tussen ons vorm te geven.”

Ondanks dat hij iedereen bedrogen heeft, zegt Platonov op het laatst dat hij te veel van de mensen houdt, en dat iedereen ook echt van hem heeft gehouden. “Ik kan me daar heel veel bij voorstellen: de liefde voor de mens, voor zo veel verschillende soorten mensen. Aan de andere kant is Platonov heel hard, op een manier die ik in werkelijkheid nooit zou kunnen en willen zijn.”

Na Caligula (2014) en Een soort Hades (2015) is dit de derde keer dat Van der Valk met Thibaud Delpeut samenwerkt. Allebei hebben ze een zwak voor de outsider, de ploeterende mens die zich aan de randen van de samenleving ophoudt. “We koesteren een voorliefde voor de mens die er net buiten valt, die de razende efficiëntie van onze maatschappij niet trekt.”

Net als in Caligula, gaan ze in Platonov op zoek naar de emotionele drijfveren van extreme mannenfiguren. “Hoe kan je iemand laten zien die net zo hard is als gevoelig? Een man die lijdt en tiert en beledigt, maar waar we toch echt van houden. Daarvoor moet je een inkijkje geven in zijn diepe, diepe zelfverachting, en tussen de regels door zijn liefde tonen.”

“Want ergens is hij ook moedig. Is het niet stiekem een fantasie van ons allemaal? Wat zou je doen als je alle conventies loslaat? Dan ontstaat er ineens een spannende vrijheid.”


Geschreven in opdracht van Theater Utrecht, voor de seizoensbrochure 2017-2018.