‘Magistrale krachttoer van Van Hove’, kopte deze krant op 18 juni 2007, een dag na de première van Romeinse tragedies op het Holland Festival. Regisseur Ivo van Hove smeedde drie tragedies van Shakespeare – Coriolanus, Julius Caesar en Antonius & Cleopatra – om tot een zes uur durende monsterproductie (zonder pauze!) waarbij het publiek kriskras tussen de acteurs en dwars over de speelvloer heen mag lopen, tijdens de voorstelling een hapje kan eten, waarbij alles live gefilmd en uitgezonden wordt en waar uiteindelijk tussen de vijftien acteurs ook een levensechte slang doorheen kronkelt.

De voorstelling werd door pers en publiek lovend ontvangen en speelde, in wisselende acteurssamenstellingen, over de hele wereld. Hans Kesting en Chris Nietvelt spelen Marcus Antonius en zijn geliefde Cleopatra al vanaf het begin. Maar na dit seizoen is het, na elf jaar, echt klaar met Romeinse tragedies. Dat vraagt om een terugblik.

Hoe keken jullie in eerste instantie aan tegen die complexe setting?
Kesting
: “Ik herinner me nog de eerste doorloop, ergens in een studio bij Haarlem waar we weleens repeteren. Er waren ook allerlei mensen van kantoor bij, want die moesten als zittend en wandelend publiek fungeren. Ondertussen was onze kokkin eten aan het maken zodat we konden wennen aan hoe het is om te spelen terwijl het publiek om je heen lekker zit te eten.”
Nietvelt: “Iedereen heeft een andere beleving aan die eerste keer. Ik herinner me hoe mensen zaten te kletsen, een biertje gingen bestellen of zaten te eten, terwijl Fedja [van Huêt, in de rol van Coriolanus] een monoloog deed. En zijn persoonlijke ergernis klopte op dat moment zo goed met het personage.”

Spelen tussen publiek en cateringservice; dat levert ongetwijfeld bizarre taferelen op.
Nietvelt
: “Ik weet nog dat in Eindhoven [2007] het eten zat inbegrepen bij het entreeticket. Ze hadden Indische rijsttafel, dus er stonden van die enorme bakken klaar en het publiek mocht zoveel pakken als het wilde. En net op het moment dat de moord op Julius Caesar plaats moest vinden dachten veel mensen: ‘ik ga nog maar eens een tweede keer opscheppen.’ Dus toen stond er, dwars door de scène van de moord, een gigantische rij mensen te wachten voor een Indische rijsttafel.”

Wat doe je dan?
Nietvelt
: “Je speelt gewoon door. Het is altijd weer wennen en zoeken, ook voor het publiek.”
Kesting: “Zodra een publiek hoort: je mag het podium op, eten, drinken, alles doen wat je wilt, heb je altijd een paar mensen die het voortouw nemen en een aantal die er schuchter achteraankomen en allengs steeds brutaler worden.”
Nietvelt: “Hier in Amsterdam kwamen op een gegeven moment zelfs mensen met een hele picknickmand naar de voorstelling. Ik herinner me zelfs dat er op een gegeven moment een groot koksmes uit tevoorschijn kwam.”

De drukte op de speelvloer bereikte in BAM in New York (2012) haar hoogtepunt. In plaats van de 350 mensen op het podium, zoals aanvankelijk was ingeschat, liepen er ruim zeshonderd bezoekers over de speelvloer – van de in totaal 1500 man per avond. Het publiek liep de kabels uit de apparatuur en de acteurs hadden moeite op tijd van de ene op de nadere plek te geraken. Nietvelt: “Op een gegeven moment moet ik vanaf linksachter een hele grote cirkel lopen en dan op tijd vooraan uitkomen. Maar ik dacht echt: hoe moet ik dat doen? Ik moet gaan hollen. En ik had hele hoge hakken en ik dacht: ik ga maar gewoon, ik zie wel. En bij de eerste vijf stappen hoor ik ‘tak! tak! tak!, au! au! au!’ en dan zien de mensen dat er iets gebeurt en dan gaat het wel open.”

Als je één anekdote uit de afgelopen elf jaar mag kiezen…
Kesting
: “Ik heb tijdens een van de voorstellingen mijn enkel gebroken. Ik weet het nog goed: ik draag Hugo [Koolschijn, in de rol van Julius Caesar] op – en vlak voordat ik wil beginnen met ‘Vrienden, Romeinen, landgenoten!’ – kantelde de verhoging waar ik op stond en viel ik met Caesar en al op de grond. Dus ik zei: ik moet stoppen, er moet een dokter komen. En mensen dachten in eerste instantie dat het erbij hoorde, dat Shakespeare dat ook gewoon geschreven had. Pas heel langzaam drong het tot ze door dat er echt iets aan de hand was.”
Nietvelt: “Er bleken overigens maar liefst zeven dokters in de zaal aanwezig te zijn.”
Kesting: “Uiteindelijk ben ik per ambulance afgevoerd. Ik baalde enorm – ook omdat we de week erna in de Barbican in Londen zouden spelen.”
Nietvelt: “Het was de eerste keer dat we met Toneelgroep Amsterdam naar de Barbican gingen én de eerste keer dat we überhaupt met een Shakespeare, die bovendien flink was bewerkt, naar Engeland gingen. Dus daar waren jaren vergaderen en plannen aan voorafgegaan, daar leefden we nogal naartoe en Ivo was behoorlijk zenuwachtig.”
Kesting: “Op vrijdag brak ik mijn enkel, op dinsdag ben ik geopereerd, en op donderdag heb ik in een rolstoel de voorstelling gespeeld. En het wonderlijke was dat iedereen dacht dat het zo hoorde. Alsof de soldaat Marcus Antonius gewond was teruggekomen.”

Heeft de voorstelling door de jaren andere betekenis gekregen?
Nietvelt
: “Toen we de voorstelling vorig jaar weer in Londen speelden hadden we vooraf wel zoiets van: het is tien jaar geleden inmiddels, is het geen oude koek? Maar tijdens de doorloop bleek het allemaal nog steeds heel actueel. Ging het destijds meer over de vorming van democratie, nu gaat het veel meer over populisme.”
Kesting: “Het is ook wel mooi dat het nu na ruim tien jaar klaar is. Maar Romeinse tragedies staat zeker in mijn rijtje van zeer dierbare voorstellingen.

 Feiten & cijfers

  • De voorstelling heeft tot nu toe 172 keer gespeeld in 12 landen over de hele wereld.
  • Er zijn 3 megaopleggers (per stuk circa 100 kubieke meter inhoud) nodig voor alle techniek en decor. Er worden 3 volledige dagen ingeruimd om alles op te bouwen en 1 volle werkdag om af te bouwen.
  • In verband met de intensiteit van het mixen worden de 2 geluidsmannen halverwege de voorstelling afgelost door 2
  • De voorstelling wordt door 15 technici van het ensemble gedraaid. In totaal werken er 42 personen (cast en crew) en 1 slang per voorstelling mee. De enige voorstelling die Toneelgroep Amsterdam gelijktijdig kan spelen is de monoloog La voix humaine van Halina Reijn.
  • Van de 15 acteurs die bij aanvang meededen hebben er 8 alle seizoenen meegespeeld. In totaal hebben er door de jaren heen 24 acteurs uit het ensemble meegespeeld. De enige lokale acteur is de slang. Die wordt ook steeds ter plekke ingehuurd.
  • Het buffet is in elk land anders. Barcelona bood heerlijke tapas, New York serveerde clubsandwiches en burgers, en in Polen waren het varkenskoteletten en noedels. Het lokale gebak, geserveerd in barretje middenachter op toneel, is altijd uitgeprobeerd door de acteurs en de crew.
  • De voorstelling sleepte in totaal 10 prijzen, nominaties en festivalselecties in de wacht, waaronder een Theo d’Or voor Chris Nietvelt
  • Romeinse tragedies is de laatste voorstelling die onder de vlag van Toneelgroep Amsterdam wordt gespeeld. In september gaat het gezelschap verder als Internationaal Theater Amsterdam.

Prijzen, nominaties & selecties

  • 2007: Nominatie Toneel Publieksprijs
  • 2008: Theo d’Or | Chris Nietvelt
  • 2008: Nominatie Louis d’Or | Hans Kesting
  • 2008: Nominatie Colombina | Frieda Pittoors
  • 2008: Juryselectie Nederlands Theater Festival
  • 2008: Juryselectie het TheaterFestival
  • 2014: City of Barcelona Award ‘Special Mention’
  • 2014: Nominatie Helpmann Award ‘best play’ 
  • 2014: Nominatie Helpmann Award ‘best direction of a play’
  • 2017: Nominatie Broadway World UK Award

Romeinse tragedies van Toneelgroep Amsterdam is van  15 tot en met 21 juni te zien in Koninklijk Theater Carré tijdens het Holland Festival.