Shireen Strooker is in de nacht van 18 op 19 april 2018 in haar slaap gestorven aan de gevolgen van Alzheimer. Ze is 82 jaar geworden.

Cas Enklaar:

‘Bij het Werkteater was natuurlijk officieel geen leiding, het was een collectief, maar na de eerste jaren zijn Shireen en Marja Kok daar toch naar boven komen drijven. Alle mannen hebben het geprobeerd, maar niemand werd geaccepteerd en in de praktijk bleken Shireen en Marja dat vertrouwen van iedereen te hebben. Het mocht geen regie heten, ze gaven je de indruk dat je het zelf deed en hielden dan stiekem het overzicht. In de latere jaren van het Werkteater eindigde het jaar altijd met een therapeut – er moest altijd een hoop rommel uit, spanningen en vechtpartijen – en toen een aantal mensen wilde stoppen, zei Shireen: ‘ik bewaak de wigwam’. En dat heeft ze gedaan, ze is gebleven tot het echt op was en heeft daarna nog de nalatenschap beheerd.’

‘Met haar uiterlijk en wie ze was had ze altijd een rare tweespalt. Door haar Indiase komaf was ze een hele exotische verschijning, dus in alle Nederlandse films van de zestigerjaren was ze altijd buikdanseres. Ook bij Een zwoele zomeravond bij het Werkteater. Ze zei: ‘Ik moet altijd iemand met een roos in mijn mond spelen, maar ik ben van binnen heel iemand anders.’ Ik herinner me nog dat we Oom Wanja deden bij het Werkteater, en zij speelde Jelena, van wie op iedere bladzijde staat dat ze beeldschoon is, en dan begonnen we altijd vijf minuten te laat omdat Shireen dan alsmaar meer broches ging opspelden en nog meer wit op haar gezicht ging kalken.’

Jeroen De Man

‘Ik werd in 2004 door haar geregisseerd, voor een solo tijdens de toneelschool, Verkades Macbeth over de toneelvernieuwer Eduard Verkade. Ik vond het heel spannend om met haar te werken. Ze was toen al wat ouder, maar nog heel scherp. Enerzijds was ze heel geestig – qua humor raakten we enorm – maar dan kon zo ook ineens heel streng zijn, op een bijna intimiderende manier. Als een haai zat ze bovenop me, om me uit mijn comfortzone te halen. ‘Het moet uit jou komen,’ zei ze dan steeds. Dat ligt natuurlijk ook in lijn met haar Werkteater-principes: we gaan ons niet tot van alles verhouden, maar wat vinden we zelf, wat is ons verhaal?’