Mimetheater Headroom
Door Theater Rotterdam, Boogaerdt/VanderSchoot, Erik Whien
Gezien 13/9, Stadsschouwburg Utrecht


Afgewisseld door intense donkerslagen, trekken vervreemdende tableaux vivants aan het publiek voorbij. Een verlaten kamer met kamerplant en stoel. Een ruimte met een poef en een elektrisch kacheltje. Een uitgeklapt wasrek, omgeven door niets. Soms ook met personen erin, nèt niet roerloos, alsof ze tevergeefs proberen los te breken uit het tafereel waarin ze zijn geënsceneerd.

Headroom is een soort levende diapresentatie op het toneel. In deze associatieve, artificiële beeldsequentie is sterk de signatuur van regisseursduo Boogaerdt en Van der Schoot te herkennen. De mensen die in dit theaterdiorama geplaatst zijn, zijn bijna even levenloos als de objecten waartussen ze zich bevinden – maar achter kleine tics, subtiele stuiptrekkingen en angstige ogen vermoed je opgekropte driften (een knap staaltje acteren op de millimeter). In de tableaus zelf zie je de (meer concrete) hand van medemaker Erik Whien: een man prutsend met een wasrek, een jongen die op het punt staat gitaar te spelen voor een klein publiek.

Componist Wessel Schrik versterkt het unheimische gevoel met een soundscape die minimalistisch begint, maar gaandeweg steeds intenser en voller wordt. Verder valt er in de voorstelling geen opbouw te herleiden. De beelden wisselen elkaar af, en bieden overduidelijk geen handvatten, geen narratieve aanknopingspunten, geen thematische verbanden – de willekeur heeft zowel iets intrigerends als iets vervelends. De toeschouwer wordt behoorlijk aan het werk gezet en niet iedereen zal daar even goed mee uit de voeten kunnen (of willen).

Headroom begint in duisternis, dat wordt gevolgd door een opeenvolging van willekeurige momenten – waarin mensen tevergeefs uit hun huiselijke context lijken te willen breken – en het eindigt met de dood. Heel af en toe zijn er meerdere personages in hetzelfde tableau, maar door gebrek aan echt contact onderstreept dat eigenlijk alleen maar de eenzaamheid. Uiteindelijk is het leven niets meer dan het opvullen van de donkerslagen tussen alle varianten van leegte.