Actrice en theatermaker Abke Haring woont na twintig jaar weer in Amsterdam en speelt nu de titelrol in De koning sterft bij Toneelschuur Producties. “De voorstelling gaat over het parcours van de laatste adem.”

Op haar negentiende vertrok Abke Haring uit Amsterdam om kleinkunst te studeren aan de toneelschool in Antwerpen. Ze bleef vervolgens ruim vijftien jaar aan het Vlaamse Toneelhuis verbonden, totdat ze een jaar geleden te horen kreeg dat haar contract niet werd verlengd. Afgelopen zomer verhuisde ze terug naar Amsterdam. “Het is heel fijn, maar ook heel bevreemdend om weer terug te zijn. De directheid van Amsterdam was ik helemaal verleerd. Mensen zeggen hier voortdurend wat ze van de dingen vinden. In Antwerpen bestaat dat helemaal niet. Ik moet echt weer opnieuw leren om mijn mening te geven.”

Bij het Toneelhuis speelde ze in grote producties – vaak in coproductie met Toneelgroep Amsterdam, zoals in Hamlet vs. Hamlet, waarvoor ze in 2014 de Theo d’Or won – maar ze maakte daarnaast ook kleinere, eigen voorstellingen. Zoals Platina (2018), haar laatste voorstelling bij het Toneelhuis: een rauwe, zeer indringende performance over twee mensen en de pijn die er achter hun jaren aan opgekropte, onuitgesproken woorden schuilgaat.

“Het Toneelhuis is heel lang mijn thuis geweest. Ik ben daar echt opgegroeid. Ik had verwacht dat ik zodra ik weer in Nederland zou wonen toch met een vervelend gevoel op de gang van zaken terug zou kijken, maar dat is helemaal niet het geval. Het is jammer dat ik er niet verder kon, maar het is ook oké.”

Nu werkt ze voor het eerst als freelancer. “Heel spannend, ik word helemaal op mezelf teruggeworpen.” Haar eerste project gaat donderdag in première in de Toneelschuur: ze speelt de titelrol in De koning sterft van de absurdistische toneelschrijver Eugène Ionesco. De voorstelling wordt geregisseerd door Olivier Diepenhorst, die bij Toneelschuur Producties gestaag werkt aan een oeuvre van uiteenlopende klassiekers uit het toneelrepertoire.

Foto: Sanne Peper

Het stuk gaat over een koning die te horen krijgt dat hij aan het eind van de voorstelling doodgaat, en dus ternauwernood moet leren omgaan met zijn sterfelijkheid. “Het is een lange boog van afscheid nemen. Van controle houden tot loslaten, het hele parcours van de laatste adem.”

“Toen ik het script voor het eerst las vond ik het heel confronterend. Ik heb sinds een paar jaar een kind en ik merk dat dan ineens alles verandert. Ik wil eigenlijk helemaal niet meer nadenken over de dood. Laat mij maar in het ongewisse. Ik ontdekte dat ik er eigenlijk best bang voor ben.”

Het wordt overigens zeker geen te zware voorstelling, benadrukt Haring. Lachend: “’Een lekker zware voorstelling over de dood!’ Nee, daar komt natuurlijk niemand op af. Olivier is daar goed in, die zoekt echt de balans op om het behapbaar en luchtig te houden.”

“Hij noemt het een requiem voor het leven op aarde. Voor mij gaat het vooral over hoe je omgaat met iets waar je niet mee om wil gaan. In welke bochten wring je je totdat je uiteindelijk toch toegeeft aan het onontkoombare einde?”


De koning sterft van Toneelschuur Producties gaat 24 januari in première in de Toneelschuur in Haarlem. Meer informatie en kaartverkoop: http://www.toneelschuur.nl/koning