Theater Caligula
Door Theater Utrecht
Gezien 1 februari 2019, Stadsschouwburg Utrecht


Koortsachtig kijkt Caligula naar een videocollage waarin uiteenlopende iconen uit de westerse beeldcultuur – van pop tot porno, van Disney tot Malevitjs – voorbijtrekken. Alsof hij in de steeds sneller voorbij zappende beelden zoekt naar troost of houvast. Maar noch daarin, noch in een uitvoering van de stilte-compositie 4’33” van John Cage – vindt Caligula rust of berusting.

Als hij zich na het plotse overlijden van zijn geliefde zuster Drusilla realiseert dat de dood met een absurde willekeur en zonder enige logica toeslaat, komt hij tot een even eenvoudige als meedogenloze conclusie: “Mensen sterven en zijn niet gelukkig.”

In een poging absolute vrijheid na te streven, voert de jonge keizer – hij is 25 jaar oud als hij de troon bestijgt – vervolgens een schrikbewind over Rome. Hij eigent zich het kapitaal van het volk toe en kondigt aan hen in willekeurige volgorde om willekeurige redenen te vermoorden. Vincent van der Valk speelt hem met een trefzekere zelfbeheersing, iemand die ingehouden lijdt aan zijn eigen daden.

De voorstelling ging vijf jaar geleden – destijds nog bij De Utrechtse Spelen – in première in de kleine zaal, maar wordt nu hernomen voor schouwburgzalen en met een deels andere cast: naast Van der Valk, Martijn Nieuwerf en Bram Gerrits spelen nu Sylvia Poorta en Abdulaal Hussein mee.

In de uitgebeende bewerking die regisseur Thibaud Delpeut van Albert Camus’ Caligula maakte, onderwerpt Caligula zijn gevolg aan een nauwgezet onderzoek. Als een bioloog met microscoop, richt hij zijn camera’s op de mensen om hem heen. Hoe verhoudt hun angst voor hem zich tot hun loyaliteit? Dat is een van de spannendste vragen die deze enscenering oproept.

Het levert onder meer een indringende dialoog tussen Caligula en Cherea (Nieuwerf) op – waarbij een viertal camera’s Cherea’s gezicht van alle kanten vastlegt. Elke minuscule verandering in zijn mimiek wordt geobserveerd en geregistreerd. De bedachtzame benadering die Nieuwerf aan zijn rol geeft – hij kreeg er in 2014 een Arlecchino voor – maakt hem een spannende tegenpool van de theatrale Caligula. Maar in een confrontatie houdt menselijkheid nu eenmaal geen stand tegen willekeur en fanatisme.

Terwijl Caligula zijn volgelingen aan een onderzoek onderwerpt, komen wij steeds meer over zijn gedachtewereld te weten. Wie is Caligula? Een doorgedraaide gek die zijn volk tiranniseert? Op het eerste oog, wellicht. Maar tegelijkertijd is Caligula veel te consequent om gek te zijn. “Je bent altijd vrij ten koste van iemand. Dat is absurd, maar het is normaal.” Voert hij niet eigenlijk de uiterste consequente van zijn inzicht door? Juist de onherroepelijke logica die achter Caligula’s gruweldaden schuilgaat, maken hem tot een uiterst gevaarlijk personage, die je ondanks alles voortdurend blijft begrijpen.

Camus schakeert in zijn tekst het goede gelijk aan het kwade. “Er hoeft maar één puur mens te zijn, in het goede of het kwade, en de wereld gaat eraan,” zegt Cherea. Het gevaar zit hem niet in goed of slecht, maar in een onwrikbare consequentie, het gebrek aan twijfel en empathie, en het fanatisme dat daaruit voortvloeit. Het is niet moeilijk daarin parallellen naar het nu te trekken.