Theater Kwartet
Door Dood Paard
Gezien 26 februari 2019, Frascati (Amsterdam)


“Wat moet ik met wild, zonder de wellust van het jagen?” Het is de sleutelzin in deze zinnelijke enscenering van Kwartet (1980), het bekendste toneelstuk van Heiner Müller. Angstzweet, dat is wat de lust bevredigt – niet het zweet van de fysieke bevrediging zelf.

Müller baseerde zijn stuk op de brievenroman Les liasons dangereuses van Pierre Choderlos de Laclos. Maar – zo legt Manja Topper bij aanvang uit – hij ‘intensiveerde’ die, bracht het terug tot de twee hoofdpersonages: twee geciviliseerde (ex-)geliefdes, die in een listig spel van verleiden en vernederen allerlei rollen aannemen. In een geestige proloog zaaien Topper en Kuno Bakker meer verwarring dan dat ze helderheid scheppen.

Ze worden bijgestaan door cellist Michiel Weidner, die al even zinnelijk zijn instrument bespeelt: met zijn strijkstok schuurt hij langs de klankkast en de ranke hals van het instrument, gedreven tokkelend bespeelt hij de snaren. Het is niet moeilijk daarin een echo van het toneelspel om hem heen te zien.

Het aanvankelijk speelse steekspel tussen de vicomte de Valmont en de marquise Merteuil wordt geleidelijk steeds grimmiger. Topper steekt en prikt haar prooi met zichtbaar plezier, die dat eerst nog gelaten incasseert, af en toe meesmuilend de zaal inkijkt. Maar laagje voor laagje verdwijnt die ironie, en komen ze tot de duistere kern van hun destructieve spel. Los van de enorme pruiken, houdt Dood Paard het sober. Zo tekent zich een helder vormgegeven lijn van speelsheid naar verstikking uit.

Dood Paard noemt deze voorstelling ‘een tussendoortje’, in korte tijd gemaakt en maar een paar avonden in Frascati te zien. Voor bij wie de honger naar Müller hierna nog niet gestild is: deze zomer brengen theatermaker Naomi Velissariou en sounddesigner Joost Maaskant The HM Concert: een muziektheaterconcert over vrouwenhaat, seksisme en destructiedrang, gebaseerd op het hele oeuvre van Müller. Dit tussendoortje is alvast een goede appetizer.