Theater Onze straat
Door Het Nationale Theater, Adelheid&ZINA
Gezien 16 maart 2019, Het Nationale Theater (Den Haag)


In een van de mooiste scènes van Onze straat zitten de tieners Tom en Naomi samen op een dak. Zij staat op het punt om naar Amerika te verhuizen, hij heeft geen idee waar hij met zijn leven heen wil, alleen dat hij háár wil. Er gebeurt per saldo niet veel, maar het moment schreeuwt onderhuids verlangen, vrijheidsdrift en het dromen van toekomsten zoals alleen tieners dat kunnen. Bovenal ademt alles de sfeer van een onuitgesproken afscheid.

De scène speelt zich af in 2004 en is het tweede deel van Onze straat. Het eerste deel speelt zich drie jaar eerder af, het laatste negen jaar later. Deze magisch-realistische voorstelling combineert op slimme wijze kleinmenselijk huiskamerdrama met epische vertelling. Het levert een zeer ontroerende schets op van kleine levens in een verhardende maatschappij.

Centraal staat een groep bewoners van een gewone straat, van een middelgrote, West-Europeaanse stad. Een echtpaar met twee jonge kinderen, een alleenstaande moeder met haar dochter, een bejaarde weduwe, een zonderlinge einzelgänger en de steeds meer geïsoleerde Turkse eigenaar van de kleine buurtsuper op de hoek.

In de fascinerende rol van toneelmeester regisseert Romana Vrede deze straatbewoners hun levens door. De aanstekelijke ironie waarmee ze die rol aanvliegt geeft de voorstelling iets heel ontwapenends.

De reconstructie begint op 10 september 2001, een dag voor de aanslagen en daarmee eentje die symbool staat voor relatief zorgeloze tijden – los van alle huis-tuin-en-keukenproblemen die de mens definiëren natuurlijk. In slim door elkaar gesneden scènes, hier en daar gedirigeerd door Vrede, leren we deze doorsnee-bewoners kennen.

Toneelschrijver Nathan Vecht (die zich baseerde op Our Town van Thornton Wilder) vindt precies de goede balans tussen het oproepen en inlossen van vragen. We komen veel te weten over deze mensen, maar veel antwoorden blijven ook achterwege – net als in het leven zelf. Vecht geeft ons niet meer dan aanknopingspunten, kleine gebeurtenissen die ofwel betekenis krijgen, ofwel na verloop van jaren volstrekt onbeduidend blijken.

Regisseur Daria Bukvić, die hiermee voor een ander slag voorstellingen kiest dan haar doorgaans meer expliciet geëngageerde toneelwerk, toont een groot vakmanschap. Met filmische elementen zoals slow-motions benadrukt ze het epische, met een uitstekende spelregie het sober-kleinmenselijke. Ze heeft bovendien een zeer sterke (en diverse) cast, met oudgedienden als Tamar van den Dop, Antoinette Jelgersma en Nazmiye Oral tegenover fijne jonge spelers zoals Joy Delima en Mark Lindeman.

De scenografie van Dymph Boss en Janne Sterke maakt op inventieve wijze gebruik van de ruimte: een kamer kan tegelijkertijd die op de eerste als op de tweede verdieping verbeelden, waardoor het doen en laten van de bewoners prachtig aan elkaar wordt gespiegeld. Het publiek ziet daar aan alle kanten omheen – hun rol wordt gaandeweg duidelijk.

Onze straat toont het leven als aaneenschakeling van afscheid, dat zowel doorwrocht zit in alle kleine momenten als in de grote gebeurtenissen. “Er is maar één constante: niets blijft zoals het is.”

Kortom: minder harde stellingname dan we van Bukvić gewend zijn, maar wel datzelfde grote, verbindende hart dat aanzet nog even samen te blijven. Het afscheid dient zich vanzelf aan.