Oerol, het tiendaagse festival dat vandaag begint op Terschelling, wil met kunst de perspectieven van de toeschouwer laten kantelen. Artistiek leider Kees Lesuis blikt alvast vooruit.

De komende tien dagen is de natuurlijke omgeving van Terschelling het decor van tientallen theatervoorstellingen en kunstwerken. Het festival zet de laatste jaren steeds meer in op maatschappelijk betrokken kunstprojecten. “Door aandacht te geven aan het verhaal van een ander, ontstaat er ruimte voor nieuwe perspectieven op bekende vraagstukken,” zegt Kees Lesuis. “Kunst is daar de ideale aanjager van.”

“Het draait tijdens het festival om de optelsom van verschillende verhalen. Ik denk dat Oerol daar bij uitstek het festival voor is.” Ter illustratie noemt hij de voorstelling De futuristen van het Nieuw Utrechts Toneel en De Nwe Tijd. “Zij richten hun blik op de toekomst: hoe ziet de samenleving van de toekomst eruit?” Elke middag nodigen ze een andere gastspreker uit – bijvoorbeeld een filosoof, wetenschapper of schrijver – voor een openbaar interview. Op basis daarvan wordt nog diezelfde avond steeds een nieuwe voorstelling gemaakt. “Hopelijk levert dat een brede schakering aan perspectieven op de toekomst op.”

De voorstelling speelt in een enorme koepeltent op de Noordsvaarder, het strand bij West-Terschelling. ”Dat is een plek die af en toe onder water loopt. Dat kan dus ook tijdens de voorstelling gebeuren.”

Foto Kees Lesuis: Anne Zorgdrager

Voor de voorstelling In Search of Democracy 3.0 is theatermaker Lucas De Man de afgelopen jaren in heel Europa op zoek gegaan naar alternatieve democratieën. Lesuis: “De democratie zoals wij die kennen ligt zwaar onder vuur. We vroegen Lucas te onderzoeken hoe je daar een andere invulling aan kunt geven. En hoe ga je bijvoorbeeld om met het opkomend populisme? Hij heeft daar een heel interessante vorm voor bedacht. Heel interactief, het is meer een gesprek dan een voorstelling.”

Er zijn dit jaar opvallend veel voorstellingen waarbij makers buiten hun eigen comfort zone treden, volgens Lesuis. “Ik vind het belangrijk dat de kunstenaars de relatie met hun publiek op een originele manier onderzoeken. Alle bezoekers nemen hun eigen wereld mee het eiland op, maar ervaren tegelijkertijd ook een afstand tot die wereld. Juist door die combinatie is er ruimte om over dingen na te denken en in gesprek te gaan. Onze voorstellingen maken gebruik van de tijdelijkheid van het festival, en zetten aan om na te denken over de toekomst.”

In het drieluik The Infectious Event onderzoeken Theater Rotterdam, Boogaerdt/Vanderschoot en Touki Delphine op bijzondere wijze de relatie tussen mens en natuur. “Vanuit de blik van de toekomst worden de fossielen van het heden bekeken,” legt Lesuis uit. Dat doen ze onder meer met een podcastwandeling, een live performance en zelfs een interactieve lichtinstallatie. “Ook hier draait het weer om die optelsom.”

Ook Ulrike Quade Company en Strijbos & Van Rijswijk borduren met hun voorstelling voort op dat thema. “In Technostalgia volgt het publiek een robot, die je als een soort butler rondleidt door wat de weggevaagde mensheid heeft achtergelaten.” Oerol belooft een geëngageerde editie tegemoet te gaan.