Zijn we in staat om terug te komen op een verkeerde keuze? Durven we onze rol en ons eigen handelen te bevragen? Muziektheatergroep KONVOOI onderzoekt het aan de hand van de Ilias.

KONVOOI is het nieuwe theatercollectief dat door Orkater als ‘Nieuwkomer’ wordt gepresenteerd. Hun debuutvoorstelling Ilias oogstte lovende recensies op Oerol en Over het IJ Festival. De voorstelling staat dit najaar in de theaters.

De vijf acteurs – Jacob de Groot, Victor IJdens, Jasper van Hofwegen, Bart Sietsema en Jesse Mensah – maakten samen met regisseur Belle van Heerikhuizen een banaal-poëtische hertaling van Homerus’ Ilias, waarin brallerig teksttoneel wordt afgewisseld met breekbare a capella zangstukken.

In het aloude verhaal komen jonge soldaten aan het Trojaanse front in opstand tegen elkaar en de strijd die ze al jaren aan het voeren zijn. De zes jonge theatermakers – allemaal onder de dertig jaar – vinden het belangrijk om de strijd waarin je verwikkeld zit en de rol die je daarin speelt niet klakkeloos aan te nemen, maar te bevragen. Ook als dat tot pijnlijke confrontaties leidt.

Het initiatief kwam van De Groot. De verkiezing van Trump was voor hem het moment waarop hij besloot dat hij een voorstelling wilde maken over woede en angst. “Dat was voor mij een typisch voorbeeld van een slechte keuze die je vervolgens heel lang volhoudt.”

De voorstelling draait voor hem niet zo alleen om het verschil tussen wegkijken of verzet, maar vooral om wat daaraan voorafgaat: “Nog voordat je eventueel zou handelen zit namelijk al een belangrijke keuze: kies je ervoor om ergens überhaupt over na te denken?”

De Ilias leent zich uitstekend om die vraagstukken te onderzoeken. “In die oorlog wordt die jongens wijsgemaakt dat ze zichzelf niet te veel moeten afvragen waarom ze er zijn,” legt IJdens uit. “Want als je jezelf vragen gaat stellen word je knettergek. Doe je werk, maar vraag niet waarom.”

Van Heerikhuizen: “Uiteindelijk heb je volgens mij altijd een eigen verantwoordelijkheid, ook als je helemaal onderaan de chain of command zit. Je hebt altijd een keuze om iets wel of niet te doen. Ik vind dat mensen veel te veel met oogkleppen op de meute volgen. Ik zie de voorstelling ook als pleidooi om zelf na te denken, hoe moeilijk dat soms ook is.”

De Groot: “Maar ik vind het ook menselijk om er uiteindelijk niet uit te komen. Zoals Achilles er op het eind niet uitkomt. Daar zit een soort schoonheid in. Soms levert een worsteling geen eenduidig antwoord op, maar de poging alleen al vind ik wel heel mooi. Hoe kut het ook kan zijn.”

Van Heerikhuizen is als regisseur de enige vrouw in het collectief. De oorlog die op de speelvloer plaatsvindt, is er dus een die uitsluitend door mannen wordt gevoerd. Van Heerikhuizen: “Ik vind het heel erg kloppen om een oorlogsverhaal te vertellen met alleen maar mannen.”

Is oorlog een mannending?
Van Heerikhuizen, resoluut: “Vind ik wel.”
De Groot: “De afwezigheid van vrouwen is heel bepalend in de voorstelling. Die gasten zitten daar zo lang, en het feit dat daar geen enkele vrouw is – wat volgens mij niet heel gezond kan zijn – bepaalt de hele manier waarop ze met elkaar communiceren. Het is alleen maar kutten, alleen maar hard op hard. Kwetsbaarheid is sowieso onmogelijk en een vraag stellen is al helemaal niet oké.”

Ook Helena, de vrouw die alle mannen tegen elkaar uitspeelt, wordt bij jullie gespeeld door een man.
IJdens: “Helena is daar natuurlijk niet echt. Dat personage zit niet echt in dat Griekse kamp, maar in die hoofden van die mannen. Ze is een soort personificatie van het geweten, het denken en de twijfel. En als je daar een personage van maakt, is het niet eenduidig of dat een man is of een vrouw. We wilden het heel androgyn en dus onbepaald houden. Is Helena een man, een vrouw, of een man die een vrouw speelt? Het leek ons juist wel lekker dat je daar niet uitkomt en dat dat verwarring sorteert.”

Jullie vertellen het verhaal niet alleen in taal, maar wisselen dat af met meerstemmige klankvocalen.
De Groot: “We wilden een poging doen die oorlog te verklanken. De waanzin, de woede, het verdriet en de vreugde. Muziek is uiteindelijk een vorm, die soms helpt om even uit het intellect te gaan. Op het moment dat alle personages door Helena helemaal zijn losgezongen van elkaar, komt er een groot lyrisch muziekstuk dat we samen zingen. Dus juist wanneer ze allemaal alleen zijn, vinden ze elkaar in zang.”

Wordt a capella zang kenmerkend voor jullie als muziektheatergroep?
De Groot: “Dat is na één voorstelling misschien nog wat vroeg om te zeggen.”
Van Hofwegen: “Maar we houden er gewoon wel heel erg van om samen Close Harmony te zingen. Dus als we dat ook maar enigszins in een voorstelling kunnen fietsen, zullen we dat hoogstwaarschijnlijk wel doen.”