Kleinkunst
Frank en Ricky hebben de blues door Frank Lammers, Ricky Koole en Ocobar. Gezien: 18/11, De Kleine Komedie (Amsterdam). Tournee t/m 8/2. Inl: rickykoole.nl


‘Don’t you ever wonder, what became of all the time?’ In Ray Charles’ woorden uit ‘Do I Ever Cross Your Mind?’, het openingsnummer van deze theateravond, vangen Frank Lammers en Ricky Koole treffend de premisse van de voorstelling. Na 28 jaar staan de theaterschoolvrienden eindelijk samen op het podium, een plan dat al lang geleden levenslicht zag maar er nog niet eerder van kwam. Frank en Ricky hebben de blues maakt met een rijke keuze aan blues-, rock- en countrynummers vooral muzikaal grote indruk.

Het is een mooi duo op het toneel: Ricky Koole en Frank Lammers, leeftijdsgenoten, vakgenoten, ex-klasgenoten. Gelijkgestemden en tegenpolen tegelijkertijd. Hij is een groot kind gebleven, zij was vroeg volwassen. Zij ziet altijd en overal beren op de weg, hij doet niet aan ‘trubbels’.

Meer dan in de dialogen, wordt dat contrast tussen hen invoelbaar gemaakt door de muziek(keuze). Lammers verrast met stoere, onbezorgde nummers als zijn eigen ‘Losers Blues’ en de treffende pastiche op Johnny Cash’ ‘Jackson’ (‘Ik ga naar Venlo, Venlo ik kom eraan’). Ook met zijn lekker viezige ‘Viva de blues’ (‘en de mooie meisjes’) en zijn mooi ingeleefde ‘I Don’t Wanna Grow Up’ van Tom Waits maakt hij indruk.

Koole plaatst daar met haar serieuze, meer bezorgde persoonlijkheid een ander geluid tegenover, wat een aangename balans aan de avond geeft. Haar prachtige solo ‘Trouble’ van Cat Stevens, of ‘I Smell Trouble’ van Ike & Tina Turner, zijn stuk voor stuk vocale hoogtepuntjes.

Het is jammer dat de ingestudeerde, houterige dialoogjes tussen de nummers in, niet uit de verf komen en bovendien qua diepgang de borrelpraat nergens ontstijgen. Koole en Lammers scheren vrolijk langs grote thema’s – de zin van het leven, hun angst voor de dood, het verzameld wereldleed en de liefde – zonder ergens echt het gevaar op te zoeken. Flauwige, onderlinge conflictjes worden niet ingelost, halfslachtige verleidingspogingen blijven steken in schetsmatige gimmicks. Het levert onnodig koddig, niksig toneel op, dat geen moment ook maar in de buurt komt van de oorspronkelijkheid van de muziek. Gelukkig zijn er nog de muzikanten van driemansformatie Ocobar (Bart en Rob Wijtman en Cok van Vuuren) die zich er af en toe vrolijk tegenaan bemoeien: ‘Jongens, effe, wat is het plan voor vanavond?’

Van die intermezzo’s moet deze avond het bepaald niet hebben, maar van de muziek des te meer. Uit de uitstekende liedkeuze en -uitvoeringen (waaronder een flink aantal duetten) toont zich een mooie, diepgewortelde vriendschap van twee verschillende mensen, die elkaar vinden in hun verschillen. Ze besluiten de ode aan hun vriendschap dan ook met een fraaie uitvoering van ‘You Can’t Make Old Friends’ van Kenny Rogers en Dolly Parton.