Sinds 15 december zijn alle theaters in verband met de coronamaatregelen opnieuw gesloten voor publiek. Repeteren mag nog wel, maar in plaats van te gaan try-outen en in première te gaan, gaat een voorstelling nu vanuit de repetitieruimte rechtstreeks ‘de ijskast’ in. Regisseur Charli Chung: ‘We hebben nu de mensen in de zaal nodig om de voorstelling af te maken.’

Corona of niet, Charli Chung is er niet het type naar om niks te doen. ‘Ik ben een drukke jongen, ik heb werk nodig om niet verveeld te raken.’ En dus maakte hij dit najaar de voorstelling Liefdesziek en ging hij aansluitend rechtstreeks de repetities in van De Profundis | Uit de diepte roep ik. Maar na drie vergeefse pogingen om met De Profundis in première te gaan moest Toneelgroep Oostpool vorige week concluderen dat er niets anders op zat dan de voorstelling voorlopig in de ijskast te zetten.

Samen met toneelschrijver Bart van den Donker bewerkte Chung de tekst van Oscar Wilde tot een toneelmonoloog voor drie performers: Ludwig Bindervoet, Ariah Lester en Ivan Montis. In november zijn ze begonnen met de repetities. Vanaf half december stond de montageperiode in Huis Oostpool gepland, en na de kerstvakantie zou de voorstelling na een aantal try-outs op 8 januari in première gaan.

Dat door die planning een streep moest werd half december al duidelijk, toen bleek dat de theaters vanwege het toenemende aantal coronabesmettingen opnieuw dicht moesten. En dus werd de première nog voor de kerst een paar weken vooruitgeschoven: naar 27 januari. Toen op 12 januari bekend werd dat ook dan de theaters nog dicht zouden zijn, werd de première verzet naar 16 februari. Maar naar aanleiding van de persconferentie van afgelopen dinsdag werd ook die datum definitief geannuleerd.

Chung liet zich overigens niet uit het veld slaan door het voortdurende geschuif met premièredata. ‘Ik heb me eigenlijk helemaal afgesloten voor het feit dat we misschien überhaupt niet in première zouden gaan. Enerzijds misschien naïef, maar dat heb je ook nodig om je team gemotiveerd te houden. Dus toen de première voor het eerst verzet werd, dacht ik alleen maar: gratis extra tijd! Laten we dat gebruiken om de voorstelling naar een hoger plan te trekken.’

Voor een beweeglijke en impulsieve regisseur, was het schakelen om een voorstelling te regisseren in coronatijd, waarin afstand tot elkaar de norm is. ‘Ik ben een drukke regisseur. Een soort voetbalcoach: ik spring vaak ineens op en ren dan de vloer op. Ik hou ervan om dingen te illustreren, ik gebruik mijn handen en mijn armen volop.’

Door de corona-uitbraak is hij dus min of meer noodgedwongen een rustigere regisseur geworden. ‘Tijdens de repetities van Liefdesziek dit najaar, rende ik soms spontaan de vloer op en dan deinsden de spelers echt achteruit. Nu blijf ik vaker op mijn plek zitten.’ Of dat een vooruitgang is? ‘Ik weet het niet. Het is altijd beter zoveel mogelijk met woorden teweeg te brengen bij je acteurs, maar ik hou ook heel erg van dat samenspel, van het illustreren.’

Die extra repetitieweken waren aanvankelijk fijn, maar uiteindelijk kun je niet eindeloos met elkaar blijven repeteren. ‘We zijn gekomen tot het punt waarop wij wilden dat het kwam. Nu hebben we echt mensen in de zaal nodig om het af te maken. Try-outen is de battle met het publiek, dan kom je erachter of je nog wezenlijke dingen moet veranderen, of dat de voorstelling nog grotere risico’s nodig heeft.’ Lachend: ‘De performers zeiden op een gegeven moment: “We zijn het zat om die voorstelling alleen voor jou te spelen, Charli.”’

Als lid van de interim artistieke leiding van Toneelgroep Oostpool, voelt hij zich ook medeverantwoordelijk voor andere geplande voorstellingen van het gezelschap en de medewerkers daarvan. ‘Ik schok toen ik die nieuwe routekaart zag. Er staan allerlei projecten op de rol die nu waarschijnlijk niet door kunnen gaan. Wat dat betreft voel ik me soms net Rutte: je bent voortdurend tegen mensen aan het zeggen dat ze thuis moeten blijven en niet aan het werk mogen, terwijl ze daar zo naar verlangen.’

Er worden nu een heleboel voorstellingen gemaakt, die net als De Profundis allemaal pas later uit kunnen komen. Wat misschien betekent dat de voorstellingen die dán gemaakt worden, ook weer later uitkomen. Schuift het probleem zich op die manier niet op? ‘Ik kan me voorstellen dat er korte speellijsten zullen komen en voorstellingen vaker langer op één plek blijven. Als alle voorstellingen straks nog tweeënhalve maand op tournee gaan wordt het wel heel druk. Wij willen deze voorstelling zeker nog een leven geven, maar je kan je wel afvragen hoe groot dat leven dan moet zijn.’

Hij heeft zich ook al helemaal verzoend met de kans dat er voorlopig maar dertig toeschouwers in de zaal mogen zitten. ‘Een jaar geleden zouden we daar woest over geworden zijn, nu verlangde ik er enorm naar. Uiteindelijk moeten we natuurlijk weer terug naar volle zalen, maar die dertig man heeft ook een meerwaarde: een voorstelling wordt intiemer, en op een bepaalde manier misschien zelfs eerlijker. Je kan niet terugvallen op een zaal die lacht, ademt en reageert, op mensen die de stilte voor je opvangen. De voorstelling moet het echt zelf doen.’ Sinds de corona-uitbraak is zijn werk eenzamer en verstilder geworden, denkt hij. ‘Dat is echt een reactie op de tijd: als de wereld stiller wordt, beweegt mijn werk automatisch mee. Kunst is toch ook een soort therapie voor de maker, al weet je vaak op het moment zelf niet wat je precies aan het verwerken bent.’

Voorlopig blijft Chung achter met een gevoel dat er nog iets ingelost moet worden. ‘Ik heb mezelf nog nooit zo leeg en onverzadigd gevoeld na een repetitieproces. Het maken van een voorstelling alleen is niet voldoende, ik heb het publiek en dat applaus echt nodig. Ik mis de catharsis.’

Klik hier voor meer informatie en (indien beschikbaar) actuele speelinformatie.