Door corona bloeit het een-op-een-theater, waarbij een theatermaker een voorstelling speelt voor één toeschouwer. Dat is wennen, voor artiest én toeschouwer.

‘Vind je me slordig of onverzorgd? Onwetend, irritant, doe ik gênant, ben ik verward, praat ik te druk, te zacht?’ De onbekende jonge vrouw die tegenover me aan de keukentafel zit en zichzelf even daarvoor voorstelde als Simone, kijkt me indringend aan terwijl ze praat. Haar vingers tikken zenuwachtig op het tafelblad. „Ik zie je denken: het gaat niet goed met deze meid, ze kan het niet alleen.” Ik voel me betrapt. En ongemakkelijk. Moet ik iets terugzeggen? Het liefst zou ik weg willen kijken, maar ik wil haar niet afwijzen.

Simone is een personage, gespeeld door actrice Katelijne Beukema. Ze speelt de solovoorstelling Op de koffie, een coproductie van het Nieuw Utrechts Toneel en stadslab RAUM, bij de toeschouwer thuis, voor huishoudens vanaf één persoon. Het is een voorbeeld van een theatervoorstelling die zich keurig houdt aan de een-bezoeker-thuisregel én de anderhalve meter afstand, en dus op die manier tóch kan spelen, ondanks de gesloten theaterzalen. Wie een ticket heeft besteld, weet dat er in het gekozen tijdslot op een gegeven moment thuis wordt aangebeld – ‘Hoi, ik ben Simone, bedankt dat ik op de koffie mocht komen’ – waarna de voorstelling meteen begint. Je eigen huis is ineens het decor; de woonkamer, zithoek of keukentafel de plaats van handeling.

Dankzij de coronamaatregelen is het een-op-een-theater opgebloeid, waarbij een theatermaker een voorstelling speelt voor slechts één toeschouwer. Soms gebeurt dat bij de toeschouwer in de woonkamer, soms thuis bij de artiest en soms tóch in een theater.

lees verder op nrc.nl